Advertisement

Casus 33

  • Jacqueline de Graaf
  • Anton F. H. Stalenhoef
Chapter
  • 320 Downloads

Abstract

Een vrouw van twintig jaar wordt door de huisarts verwezen naar de polikliniek vasculaire geneeskunde vanwege progressieve passagère pijnklachten en verkleuring van haar vingers. Bij aanvullende anamnese blijkt dat zij al sinds haar veertiende jaar last heeft van koude handen, met daarbij aanvalsgewijze verkleuring van de vingers (wit, blauw en rood). De aanvallen worden uitgelokt door koude en regen. In deze situaties verkleuren de vingers wit en zijn ze pijnlijk en gevoelloos (figuur 33.1). Na een paar minuten verandert de witte kleur in paars en neemt de gevoelloosheid toe en neemt de kracht in de vingers af. Als een aanval meestal na 10–15 minuten overgaat, verkleuren de vingers rood en ontstaat er een heftige tinteling, vergelijkbaar met het opwarmen van handen in de winter. Naast de klachten aan de handen heeft zij in mindere mate vergelijkbare klachten aan de voeten. Zij ervaart geen gewrichtsklachten, spierpijn, droge ogen/mond (siccaklachten), slik- of retrosternale passageklachten en het lichaamsgewicht is stabiel. Er zijn geen andere huidafwijkingen. Sedert haar achttiende jaar gebruikt ze microgynon 30. Ze gebruikt geen andere medicijnen en rookt niet. Het lichamelijk onderzoek is zonder bijzonderheden. Aan de handen worden geen afwijkingen gezien, met name geen nagelriemveranderingen, vingertopafwijkingen, verharding van de huid van de vingers of teleangiëctasieën.

Copyright information

© Springer Media 2012

Authors and Affiliations

  • Jacqueline de Graaf
  • Anton F. H. Stalenhoef

There are no affiliations available

Personalised recommendations