Advertisement

Functions of Electronic Monitoring: A to H

  • Tom DaemsEmail author
Chapter

Abstract

This chapter adopts the ‘Nagel’-approach that was introduced in Chapter  1 and it explores, in an alphabetical order, twelve different functions of electronic monitoring: the action function, automation, behavioural control, cost reduction, crime control, decarceration, degradation, detection, deterrence, harm reduction, hard treatment and humanization.

Keywords

Electronic monitoring Action function Automation Behavioural control Cost reduction Crime control Decarceration Degradation Detection Deterrence Hard treatment Harm reduction Humanization 

References

  1. Anacker, L., & Pinals, D. A. (2016). GPS monitoring for life. Journal of the American Academy of Psychiatry and the Law, 44(4), 497–499.Google Scholar
  2. Archibold, R. C. (2010, March 23). California, in financial crisis, opens prison doors. The New York Times.Google Scholar
  3. Bagaric, M., Hunter, D., & Wolf, G. (2018). Technological incarceration and the end of the prison crisis. Journal of Criminal Law and Criminology, 108(1), 73–135.Google Scholar
  4. Bas, R., & Damen, W. (2000). ET (we) phone (you at) home. Orde van de Dag, 10, 7–18.Google Scholar
  5. Bentham, J. (1780). An introduction to the principles of morals and legislation. London: T. Payne and Son.Google Scholar
  6. Beyens, K., & Roosen, M. (2013). Electronic monitoring in Belgium: A penological analysis of current and future orientations. European Journal of Probation, 5(3), 56–70.CrossRefGoogle Scholar
  7. Bohm, R. M. (2006). “McJustice”: On the McDonaldization of criminal justice. Justice Quarterly, 23(1), 127–146.CrossRefGoogle Scholar
  8. Carr, N., Bauwens, A., Bosker, J., Donker, A., Robinson, G., Sučić, I., & Worrall, A. (2015). Picturing probation: Exploring the utility of visual methods in comparative research. European Journal of Probation, 7(3), 179–200.Google Scholar
  9. Ceruzzi, P. E. (1999). A history of modern computing. Cambridge: The MIT Press.Google Scholar
  10. Chamber of Representatives. (2001). Eindverslag van de Commissie ‘Basiswet gevangeniswezen en rechtspositie van gedetineerden’. Verslag namens de Commissie voor de Justitie uitgebracht door de heren Vincent Decroly en Tony Van Parys (2 February 2001). Parl. St. Kamer 2000–01, DOC 50 1076/001.Google Scholar
  11. Chamber of Representatives. (2010). Vraag nr. 103 van mevrouw de volksvertegenwoordiger Carina Van Cauter van 10 december 2009 aan de minister van Justitie, Kamer 2009–10. Schriftelijke vragen en antwoorden. QRVA 52 88, 4 January 2010, 132–133.Google Scholar
  12. Chamber of Representatives. (2011). Wetsvoorstel van 17 januari 2011 tot invoering van het elektronisch toezicht als autonome straf (ingediend door mevrouw Carina Van Cauter c.s.). Parl. St. Kamer 2010–11, DOC 53 1042/001.Google Scholar
  13. Chamber of Representatives. (2012). Verslag namens de Commissie voor de Justitie uitgebracht door de heer Stefaan Van Hecke (14 November 2012). Parl. St. Kamer 2012–13, DOC 53 2429/006.Google Scholar
  14. Chamber of Representatives. (2013). Wetsvoorstel tot invoering van het elektronisch toezicht als autonome straf. Amendement nr. 1 van mevrouw Van Cauter c.s. Parl. St. Kamer 2012–13, DOC 53 1042/002.Google Scholar
  15. Corbett, R., & Marx, G. T. (1991). Critique: No soul in the new machine: Technofallacies in the electronic monitoring movement. Justice Quarterly, 8(3), 399–414.CrossRefGoogle Scholar
  16. Council of Europe. (2013). Draft commentary to recommendation on electronic monitoring (PC-CP (2013) 2 rev). Strasbourg: European Committee on Crime Problems, Council for Penological Cooperation.Google Scholar
  17. Council of Europe. (2014). Recommendation CM/Rec(2014)4 of the Committee of Ministers to member States on electronic monitoring. Adopted by the Committee of Ministers on 19 February 2014, at the 1192nd meeting of the Ministers’ Deputies.Google Scholar
  18. Court of Auditors. (2011). Maatregelen tegen de overbevolking in de gevangenissen. Brussels: Court of Auditors.Google Scholar
  19. Daems, T. (2000). Wat met het rottweilergehalte van de gecontroleerde? Begeleiding én controle: rolonduidelijkheid in elektronisch toezicht. Orde van de Dag, 10, 33–40.Google Scholar
  20. Daems, T. (2008). Baksteen in de maag, steengruis in de nieren. Panopticon, 29(4), 67–79.Google Scholar
  21. Daems, T., & Goossens, E. (2019). Elektronische monitoring voor jongeren: een volwassen reflectie. In J. Put & J. Leenknecht (Eds.), Het Vlaamse jeugddelinquentierecht (pp. 107–119). Brussels: Larcier.Google Scholar
  22. Daems, T., Maes, E., & Robert, L. (2013). Crime, criminal justice and criminology in Belgium. European Journal of Criminology, 10(2), 237–254.CrossRefGoogle Scholar
  23. Daily Mail Reporter. (2011, June 3). Lindsay Lohan in her gilded cell: Star makes for an arresting sight as she models ankle tag on sun drenched rooftop of LA home. Daily Mail.Google Scholar
  24. De Croo, H., Van Cauter, C., Lahaye-Battheu, S., & Taelman, M. (2009, December 3). Welke toekomst voor het Belgische gevangeniswezen? https://www.sabien-lahaye-battheu.be/nl/nieuws/1146/welke-toekomst-voor-het-belgische-gevangeniswezen.html.
  25. Deloitte. (2012). Disruptive innovation. Case study: Transforming criminal justice with electronic monitoring.Google Scholar
  26. Demetrio, J. (2018). From a reactive to a preventive approach: What is on the horizon of electronic monitoring technologies? Justice Trends, 3, 24–26.Google Scholar
  27. Devos, A. (2010). Balans van het tienjarig bestaan van de justitiehuizen en perspectieven voor de komende jaren. Tien jaar justitiehuizen: Balans en perspectieven (pp. 13–43). Brussels: Federale Overheidsdienst Justitie.Google Scholar
  28. Durnescu, I. (2011). Pains of probation: Effective practice and human rights. International Journal of Offender Therapy and Comparative Criminology, 55(4), 530–545.CrossRefGoogle Scholar
  29. Ferreira Marum, P. (2018). Testimonials about EM: Evolution and perspectives for the future. Justice Trends, 3, 21–22.Google Scholar
  30. Garfinkel, H. (1956). Conditions of successful degradation ceremonies. American Journal of Sociology, 61(5), 420–424.CrossRefGoogle Scholar
  31. Goossens, F., Maes, E., Deltenre, S., & Vanneste, C. (2005). Onderzoek met betrekking tot het invoeren van het elektronisch toezicht als autonome straf. Brussels: Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie.Google Scholar
  32. Hayes, D. (2015). The impact of supervision on the pains of community penalties in England and Wales: An exploratory study. European Journal of Probation, 7(2), 85–102.CrossRefGoogle Scholar
  33. Hucklesby, A. (2009). Understanding offenders’ compliance: A case study of electronically monitored curfew orders. Journal of Law and Society, 36(2), 248–271.CrossRefGoogle Scholar
  34. Hucklesby, A. (2013). Insiders’ views: Offenders’ and staff’s experiences of electronically monitored curfews. In M. Nellis, K. Beyens, & D. Kaminski (Eds.), Electronically monitored punishment: International and critical perspectives (pp. 228–246). London: Routledge.Google Scholar
  35. Hucklesby, A. (2018). A complicated business: The operational realities of privatised electronic monitoring of offenders. In A. Hucklesby & S. Lister (Eds.), The private sector and criminal justice (pp. 223–258). Basingstoke: Palgrave Macmillan.CrossRefGoogle Scholar
  36. Kofman, A. (2019, July 3). Digital jail: How electronic monitoring drives defendants into debt. The New York Times Magazine.Google Scholar
  37. Lilly, J. R., & Nellis, M. (2013). The limits of techno-utopianism: Electronic monitoring in the United States of America. In M. Nellis, K. Beyens, & D. Kaminski (Eds.), Electronically monitored punishment: International and critical perspectives (pp. 21–43). London: Routledge.Google Scholar
  38. Maes, E. (2013). Over de diverse bepalingen van een ‘vuilbakwet’ en de hechtenis onder elektronisch toezicht als uitvoeringsmodaliteit van voorlopige hechtenis. Panopticon, 34(2), 135–142.Google Scholar
  39. Maes, E., Mine, B., De Man, C., & Van Brakel, R. (2011). Naar elektronisch toezicht in het kader van de voorlopige hechtenis? Waarom de invoering ervan, vanuit het oogpunt van een vermindering van de gevangenispopulatie, misschien toch niet meteen de meest aangewezen strategie is. Fatik, 129, 6–14.Google Scholar
  40. Mathiesen, T. (1990). Prison on trial. London: Sage.Google Scholar
  41. McNeill, F. (2019a). Pervasive punishment: Making sense of mass supervision. Bingley: Emerald.Google Scholar
  42. McNeill, F. (2019b). Resisting mass supervision: Reform and abolition. In P. Carlen & L. Franco Ayres (Eds.), Justice alternatives. London: Routledge.Google Scholar
  43. Ministry of Justice. (1997). Ministeriële Omzendbrief nr. 1680/IX van 24 november 1997 betreffende: elektronisch toezicht.Google Scholar
  44. Ministry of Justice. (1998). Ministeriële omzendbrief nr. 1692/IX van 27 november 1998 betreffende: elektronisch toezicht.Google Scholar
  45. Ministry of Justice. (2000). Ministeriële omzendbrief nr. 1720 van 13 oktober 2000 betreffende: regelgeving inzake elektronisch toezicht als modaliteit van strafuitvoering.Google Scholar
  46. Ministry of Justice. (2001a). Ministeriële omzendbrief nr. 1720ter van 22 februari 2001 tot wijziging van de omzendbrief nr. 1720 van 13 oktober 2000 m.b.t. de regelgeving inzake elektronisch toezicht als modaliteit van strafuitvoering.Google Scholar
  47. Ministry of Justice. (2001b). Ministeriële omzendbrief nr. 1727 van 12 april 2001 betreffende regelgeving inzake elektronisch toezicht als modaliteit van strafuitvoering.Google Scholar
  48. Ministry of Justice. (2002a). Ministeriële omzendbrief nr. 1741 van 8 april 2002 betreffende regelgeving inzake elektronisch toezicht als modaliteit van strafuitvoering.Google Scholar
  49. Ministry of Justice. (2002b). Ministeriële omzendbrief nr. 1746 van 9 augustus 2002 betreffende regelgeving inzake elektronisch toezicht als modaliteit van strafuitvoering.Google Scholar
  50. Ministry of Justice. (2006). Ministeriële omzendbrief nr. 1784 van 10 juli 2006 betreffende regelgeving inzake het elektronisch toezicht als modaliteit van strafuitvoering.Google Scholar
  51. Ministry of Justice. (2012). Ministeriële omzendbrief van 18 augustus 2012. Onderwerp: Thuisdetentie met stemherkenning (Voice) voor personen veroordeeld tot een of meer vrijheidsbenemende straffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar gevangenis niet te boven gaat en waarvan het nog te ondergane gedeelte tot de toelaatbaarheidsdatum voor een VLV twee maanden of minder bedraagt.Google Scholar
  52. Ministry of Justice. (2013). Ministeriële omzendbrief nr. ET/SE-2 van 17 juli 2013. Betreft: reglementering inzake het elektronisch toezicht als strafuitvoeringsmodaliteit voor gevangenisstraffen waarvan het totaal in uitvoering zijnde gevangenisstraffen drie jaar niet overschrijdt.Google Scholar
  53. National Association of State Budget Officers. (2013, September 11). State spending for corrections: Long-term trends and recent criminal justice policy reforms. Available at https://www.prisonpolicy.org/scans/nasbo/state_spending_for_corrections.pdf.
  54. Nauta, B., Moolenaar, D. E. G., & van Tulder, F. P. (2011). Kosten van criminaliteit. In S. N. Kalidien, N. E. de Heer-de Lange, & M. M. van Rosmalen (Eds.), Criminaliteit en rechtshandhaving 2010: Ontwikkelingen en samenhangen (pp. 241–270). The Hague: WODC.Google Scholar
  55. Nellis, M. (2013a). Surveillance, stigma and spatial constraint: The ethical challenges of electronic monitoring. In M. Nellis, K. Beyens, & D. Kaminski (Eds.), Electronically monitored punishment: International and critical perspectives (pp. 193–210). London: Routledge.Google Scholar
  56. Nellis, M. (2013b). Kiezen voor GPS-tracking? Het recente beleid met betrekking tot probatie en elektronisch toezicht in Engeland en Wales. In T. Daems, T. Vander Beken, & D. Vanhaelemeesch (Eds.), De machines van Justitie: Vijftien jaar elektronisch toezicht in België (pp. 127–147). Antwerp: Maklu.Google Scholar
  57. Nellis, M. (2013c). Implant technology and the electronic monitoring of offenders: Old and new questions about compliance, control and legitimacy. In A. Crawford & A. Hucklesby (Eds.), Legitimacy and compliance in criminal justice (pp. 159–180). London: Routledge.Google Scholar
  58. Nellis, M. (2018a). Electronically monitoring offenders as ‘coercive connectivity’: Commerce and penality in surveillance capitalism. In T. Daems & T. Vander Beken (Eds.), Privatising punishment in Europe? (pp. 124–142) London: Routledge.Google Scholar
  59. Nellis, M. (2018b). Clean and dirty electronic monitoring. Justice Trends3, 14–19.Google Scholar
  60. Nellis, M. (2019). “Better than human”? Smartphones, artificial intelligence and ultra-punitive electronic monitoring. Available at https://www.challengingecarceration.org/wp-content/uploads/2019/01/TI-and-Smart-EM-Final-.pdf.
  61. Nellis, M., & Lehner, D. (2012). Electronic monitoring: Scope and definitions (PC-CP (2012) 7 rev 2). Strasbourg: European Committee on Crime Problems, Council for Penological Cooperation.Google Scholar
  62. Nellis, M., & Vanhaelemeesch, D. (2012). Electronic monitoring in Europe: Report from the 8th CEP electronic monitoring conference in Balsta, Sweden, 8th–10th November 2012. The Journal of Offender Monitoring, 24(2), 23–26.Google Scholar
  63. Payne, B. K., & Gainey, R. R. (1998). A qualitative assessment of the pains experienced on electronic monitoring. International Journal of Offender Therapy and Comparative Criminology, 42(2), 149–163.CrossRefGoogle Scholar
  64. Radbruch, G. (1950). Der Ursprung des Strafrechts aus dem Stande der Unfreien. In G. Radbruch (Ed.), Elegantiae Juris Criminalis: Vierzehn Studien zur Geschichte des Strafrechts (pp. 1–12). Basel: Verlag fur Recht und Gesellschaft AG.Google Scholar
  65. Ritzer, G. (2000). The McDonaldization of society (New Century ed.). Thousand Oaks: Pine Forge Press.Google Scholar
  66. Robert, L., & Stassart, E. (2009). Onder elektronisch toezicht gestelden aan het woord: krachtlijnen uit het eerste Belgische onderzoek. In T. Daems, S. De Decker, L. Robert, & F. Verbruggen (Eds.), Elektronisch toezicht: De virtuele gevangenis als reële oplossing? (pp. 9–33). Leuven: Universitaire Pers Leuven.Google Scholar
  67. Roberts, J. V. (2004). The virtual prison: Community custody and the evolution of imprisonment. Cambridge: Cambridge University Press.CrossRefGoogle Scholar
  68. Roberts, J. V. (2009). Elektronisch toezicht: van supervisietechnologie naar autonome straf. In T. Daems, S. De Decker, L. Robert, & F. Verbruggen (Eds.), Elektronisch toezicht: De virtuele gevangenis als reële oplossing? (pp. 111–126). Leuven: Universitaire Pers Leuven.Google Scholar
  69. Roberts, J. V., & Gabor, T. (2004). Living in the shadow of prison: Lessons from the Canadian experience in decarceration. British Journal of Criminology, 44(1), 92–112.Google Scholar
  70. Robinson, G. (2016). The Cinderella complex: Punishment, society and community sanctions. Punishment and Society, 18(1), 95–112.CrossRefGoogle Scholar
  71. Robinson, G. (2018). Delivering McJustice? The probation factory at the Magistrates’ court. Criminology and Criminal Justice. Online First,  https://doi.org/10.1177/1748895818786997.CrossRefGoogle Scholar
  72. Schwitzgebel, R., Schwitzgebel, R., Pahnke, W. N., & Hurd, W. S. (1964). A program of research in behavioral electronics. Behavioral Science, 9(3), 233–238.CrossRefGoogle Scholar
  73. Scull, A. T. (1977). Decarceration: Community treatment and the deviant—A radical view. Englewood Cliffs: Prentice-Hall.Google Scholar
  74. Sellin, T. (1976). Slavery and the penal system. New York: Elsevier.Google Scholar
  75. Senate. (2010). Wetsvoorstel van 20 oktober 2010 tot invoering van het elektronisch toezicht als autonome straf (ingediend door mevrouw Christine Defraigne). Parl. St. Senaat 2010–11, DOC 5 – 359/1.Google Scholar
  76. Senate. (2013). Commissie voor de Justitie. Handelingen, 8 May 2013, 5-222COM. Senaat 2012–13.Google Scholar
  77. Solon, O. (2018, August 28). ‘Digital shackles’: The unexpected cruelty of ankle monitors. The Guardian.Google Scholar
  78. Steinhauer, J. (2010, January 7). Schwarzenegger seeks shift from prisons to schools. The New York Times.Google Scholar
  79. The Scottish Government. (2019). Electronic monitoring: Uses, challenges and successes. Edinburgh: The Scottish Government.Google Scholar
  80. Umbreit, M. S. (1999). Avoiding the marginalization and “McDonaldization” of victim offender mediation: A case study in moving toward the mainstream. In G. Bazemore & L. Walgrave (Eds.), Restorative juvenile justice (pp. 213–234). Monsey, NY: Criminal Justice Press.Google Scholar
  81. Van Cauter, C. (2010). Nieuwsbrief van uw Volksvertegenwoordiger: Carina Van Tittelboom – Van Cauter. Editie: voorjaar 2010.Google Scholar
  82. Van Gestel, B. (1998). Tralies in je hoofd: een onderzoek naar de gevolgen van elektronisch huisarrest voor het alledaagse leven van veroordeelden en hun huisgenoten. Amsterdam: Universiteit van Amsterdam.Google Scholar
  83. Vander Beken, T. (2013). Van vette vis tot dieetpil: Vijftien jaar elektronisch toezicht in België. In T. Daems, T. Vander Beken, & D. Vanhaelemeesch (Eds.), De machines van Justitie: Vijftien jaar elektronisch toezicht in België (pp. 11–41). Antwerp: Maklu.Google Scholar
  84. Vanhaelemeesch, D. (2015). De beleving van het elektronisch toezicht in vergelijking met de gevangenisstraf. The Hague: Boom Criminologie.Google Scholar
  85. Vanhaelemeesch, D., Vander Beken, T., & Vandevelde, S. (2014). Punishment at home: Offenders’ experiences with electronic monitoring. European Journal of Criminology, 11(3), 273–287.CrossRefGoogle Scholar
  86. Whitman, J. Q. (2003). Harsh justice: Criminal punishment and the widening divide between America and Europe. New York: Oxford University Press.Google Scholar
  87. Zuboff, S. (2019). The age of surveillance capitalism. New York: Public Affairs.Google Scholar

Copyright information

© The Author(s) 2020

Authors and Affiliations

  1. 1.KU LeuvenLeuvenBelgium

Personalised recommendations