PRISMA Leefstijlinterventie ontwikkelt zich in de breedte

Samenvatting

Over het belang van een gezonde leefstijl is iedereen het eens. Maar het is makkelijker gezegd dan gedaan. Veel mensen vinden het moeilijk om hun (ongezonde) leefstijl aan te passen. De leefstijlinterventie PRISMA kan daar verandering in brengen.

figurea
figureb

PRISMA is een compacte leefstijlinterventie van twee dagdelen in groepsverband, die mogelijkheden biedt voor gebruik in de eerste lijn voor mensen met diabetes, hart- en vaatziekten en/of de preventie daarvan.

Gedrag veranderen

Een ongezonde leefstijl verhoogt het risico op ziekten. Ruim 50 procent van de Nederlanders heeft overgewicht. Bijna 1,2 miljoen Nederlanders hebben diabetes en 750.000 hebben een verhoogd risico op het krijgen van diabetes. Ruim 1,6 miljoen Nederlanders hebben hart- en vaatziekten. Geschat wordt dat leververvetting voorkomt bij ongeveer 20 procent van de Nederlandse bevolking. Bij mensen met obesitas is dit zelfs ongeveer 90 procent.

Al deze doelgroepen hebben baat bij het aanpassen van de leefstijl. Veel zorgverleners gaan er bij het aanbieden van interventies onterecht vanuit dat mensen hun gedrag willen en kunnen veranderen. Hier zijn echter voorwaarden aan verbonden, in de vorm van de gedragsdeterminanten kennis, vaardigheden, vertrouwen in eigen kunnen en intentie.

Cursus

PRISMA biedt de zorgverlener een interventie om samen met patiënten aan deze voorwaarden voor gedragsverandering te werken. PRISMA staat voor Proactief Interdisciplinair Self-Management. Het doel is dat de deelnemer aan het eind van de cursus de intentie heeft om zijn/haar leefstijlgedrag de aankomende drie maanden te veranderen. PRISMA doet dit via het beïnvloeden van de risicoperceptie, uitkomstverwachting en self-efficacy. Om de intentie vervolgens om te zetten in het gewenste gedrag, maakt de deelnemer een persoonlijk actieplan gericht op voeding, beweging, inname van medicatie (therapietrouw), roken, ontspanning en/of (professionele) ondersteuning vragen.

Meer weten over leefstijl?

Kijk op www.nhg.org:

NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2

NHG-Standaard Cardiovasculair risicomanagement CVRM

NHG-Standaard Obesitas

NHG-zorgmodules leefstijl

Ontwikkeling

PRISMA wordt gegeven aan groepen van 8 tot 12 deelnemers, door twee getrainde zorgverleners: praktijkondersteuners, verpleegkundigen, artsen, diëtisten, fysiotherapeuten of psychologen. PRISMA is inpasbaar in de reguliere zorg en is een (start) programma om alle betrokken zorgverleners en initiatieven rond de patiënt, zowel binnen de zorg als daarbuiten, met elkaar te verbinden.

Wensen

In 2006 ontstond binnen het Diabetescentrum Amsterdam UMC de behoefte om mensen met diabetes type 2 anders te gaan benaderen. De manier om mensen te adviseren en instrueren om hun leefstijl te veranderen was niet toereikend. De wensen van het diabetescentrum waren:

  1. 1.

    de patiënt meer centraal te stellen in de behandeling,

  2. 2.

    interdisciplinair samenwerken aan de doelen van de patiënt,

  3. 3.

    middels groepen tijdwinst behalen en educatie borgen,

  4. 4.

    bij voorkeur een bestaande evidence based interventie.

figurec

‘Er zijn voorwaarden verbonden aan het veranderen van gedrag’

Theorie

PRISMA is gebaseerd op vier gedragswetenschappelijke theorieën:

  1. 1.

    De Self-regulation theory: mensen blijken diverse opvattingen (beliefs) te hebben over hun (risico op) ziekte die bepalend zijn voor de manier waarop ze ermee omgaan.

  2. 2.

    De Self-determination theory: de vorm van motivatie (extrinsieke versus intrinsieke) is een belangrijke voorspeller voor adequate zelfzorg, afvallen en een goede diabetesinstelling.

  3. 3.

    Social learning theory: de mate van self-efficacy (eigen-effectiviteitsverwachting) is belangrijk voor het (gaan) uitvoeren van gedrag.

  4. 4.

    Dual process theory: bij de meeste vormen van educatie neemt de patiënt een passieve rol in: luisterend naar de zorgverlener die iets vertelt. Echter, hoe actiever de deelnemers zelf aan het woord zijn en hoe meer verbanden ze zelf leggen met eigen ervaringen en handelen, hoe meer er gebeurt in de kennis en het gedrag naderhand.

Het Engelse DESMOND-programma voldeed aan alle wensen en voorkeuren. DESMOND is vervolgens door het diabetesteam vertaald naar de Nederlandse situatie en PRISMA genoemd. Inmiddels is PRISMA geschikt gemaakt voor andere leefstijlgerelateerde ziekten (of verhoogd risico daarop), zoals hart- en vaatziekten.

Onderbouwing

De PRISMA (DESMOND)-filosofie gaat ervan uit dat vrijwel alle dagelijkse beslissingen die van invloed zijn op de uitkomsten van de behandeling (zoals keuzes in voeding, lichaamsbeweging, medicatie en zelfcontrole) worden genomen door de persoon zelf. Het individu draagt daardoor zelf de verantwoording voor de behandeling van zijn/haar aandoening (met uitzondering van mensen met een geestelijke handicap die dit onmogelijk maakt). De deelnemer wordt betrokken en ondersteund in het zelf maken van keuzes over de eigen leefstijl en omgang met ziekte (of verhoogd risico daarop). De houding van de zorgverlener hierbij is empathisch, respectvol, niet oordelend en gelijkwaardig.

‘De deelnemer wordt betrokken en ondersteund in het zelf maken van keuzes over de eigen leefstijl en omgang met ziekte’

Alle PRISMA-cursussen zijn opgebouwd uit dezelfde onderdelen: het eigen verhaal, theorie en spelvormen, mijn gezondheidsprofiel en mijn persoonlijk actieplan. Elke cursus begint met het eigen verhaal waarin de trainer vraagt naar de eigen ervaringen, overtuigingen, zorgen en brandende vragen van de deelnemers. Deze informatie is leidend gedurende de cursus. Daarna volgen theoretische onderdelen, afgewisseld met spelvormen. Hierin komen de volgende onderwerpen aan bod: (patho)fysiologie, oorzaken, risicofactoren, behandeling, gevolgen op langere termijn, relevante risicofactoren (o.a. bloeddruk, cholesterol, HbA1c, BMI/middelomtrek, lichaamsbeweging, roken en stemming) en wat kan ik zelf doen op het gebied van voeding, beweging, inname van medicatie (therapietrouw), roken, ontspanning en/of (professionele) ondersteuning vragen. In het onderdeel het gezondheidsprofiel brengen de deelnemers hun eigen risicofactoren in kaart. Hoe sta ik ervoor? In het laatste onderdeel wordt de deelnemer gestimuleerd om zijn intentie tot gedragsverandering om te zetten in een concreet, persoonlijk actieplan.

Actieplan

Na PRISMA gaat de deelnemer zelf aan de slag met de uitvoering van zijn/haar persoonlijk actieplan. De evaluatie van dit actieplan wordt leidraad voor de consulten bij de praktijkondersteuner. Dit bij voorkeur op dezelfde wijze als tijdens de PRISMA-cursus, uitgaande van de eigen doelstelling van de patiënt. Er kan desgewenst verwezen worden naar andere zorgverleners, organisaties of initiatieven die kunnen ondersteunen bij het uitvoeren van het actieplan.

Author information

Affiliations

Authors

Corresponding author

Correspondence to Suzanne Bader.

Additional information

Meer weten

Over PRISMA? Neem dan contact op via prisma@vumc.nl.

Rights and permissions

Reprints and Permissions

About this article

Verify currency and authenticity via CrossMark

Cite this article

Bader, S., de Groot, S. PRISMA Leefstijlinterventie ontwikkelt zich in de breedte. TPO - De Praktijk 15, 40–42 (2020). https://doi.org/10.1007/s12503-020-0254-3

Download citation