Standby

, Volume 32, Issue 1, pp 9–9 | Cite as

Zeggen we u of jij tegen de patiënt?

  • Yvonne Maassen
Lezersvraag
  • 15 Downloads

Samenvatting

De redactie van Standby kreeg de volgende lezersvraag. Tijdens een teambespreking kwam naar voren dat sommige collega's patiënten aanspreken bij de voornaam en anderen juist niet. Wanneer mag je een patiënt bij de voornaam aanspreken? Anderen zeggen je en weer andere collega's zeggen u tegen de patiënt. Zijn daar bepaalde regels voor?

Bij mijn eerste werkgever werden oudere patiënten door mij consequent met u aangesproken. Ik werkte in een kleine praktijk in een klein dorp. We kenden alle patiënten persoonlijk en hadden er ook een goede band mee. De tandarts sprak overigens oudere patiënten wel aan in de jij-vorm. Toen mijn neef onverwacht de praktijk binnenliep, reageerde ik spontaan met: 'hé Frank, wat leuk, wat kan ik voor je doen?' Mijn neef was net zo oud als ik (20 jaar) en we zagen elkaar regelmatig. Mijn werkgever hoorde dat ik mijn neef met zijn voornaam aansprak en was daarover niet erg te spreken.

'Dat Frank mijn neef was, maakte niet uit, vond de tandarts, ik had u moeten zeggen'

Ik kreeg een standje, mijn neef was u en geen jij! Dat Frank mijn neef was deed niet ter zake. Intussen zijn na dit voorval ruim 30 jaar verstreken en gaan we daar wellicht anno 2018 anders mee om. In het Handboek communicatie in de zorg, staat een heel verhelderend stuk over dit onderwerp. Als we een nieuwe patiënt in de praktijk krijgen, zal deze zich aan ons voorstellen. Doet deze dit met alleen de voornaam, dan mag je er vanuit gaan dat je de patiënt mag tutoyeren. Geeft de patiënt alleen zijn achternaam, wil deze wat afstand scheppen en spreek je de patiënt aan met u. Stelt de patiënt zich met zijn voor- en achternaam voor dan zul je op anderen factoren moeten afgaan. Bijvoorbeeld: hoe spreekt de patiënt jou of de tandarts aan? Hoe is de non-verbale communicatie? Hieruit kun je dan opmaken of de patiënt wel of juist niet openstaat voor tutoyeren. In principe geldt dat je iedereen vanaf de leeftijd van 18 met u aanspreekt bij het eerste consult. Tot 18 jaar mag je een patiënt tutoyeren, daarna eigenlijk niet meer. Als je voor een bepaalde aanspreekvorm kiest, bepaal je daarmee wel de afstand en de hiërarchie. Als een patiënt de tandarts of jou met u aanspreekt, zal de patiënt het waarschijnlijk op prijs stellen om zelf ook met u aangesproken te worden. Door voor u te kiezen, kun je wel een afstand scheppen als een patiënt zich te amicaal gedraagt.

Zeggen we je of u?

Het is dan ook belangrijk om van te voren goed te bedenken, als team, voor welke vorm jullie kiezen. Als je voor een vorm gekozen hebt, moet je deze wel consequent toepassen. Dus niet de ene keer u en de andere keer jij omdat dit vervreemdend kan werken voor de patiënt. Wat veel voorkomt is dat de tandarts ineens overgaat in de u-vorm als er een moeilijk onderwerp besproken gaat worden. Als in datzelfde gesprek of tijdens eerdere afspraken, de patiënt met je aangesproken werd, dan kan dat onnodig onrust bij de patiënt veroorzaken.

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum is een imprint van Springer Media B.V., onderdeel van Springer Nature 2018

Authors and Affiliations

  • Yvonne Maassen
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations