Advertisement

Kind & Adolescent Praktijk

, Volume 8, Issue 4, pp 160–168 | Cite as

Overgewicht en obesitas bij kinderen: werken we met de ouder, met het kind of met ouder én kind?

  • Jacqueline  Rütten
Artikelen

Samenvatting

Het is gebruikelijk dat programma's voor overgewicht en obesitas bij kinderen ook ouders bij de behandeling betrekken. In de praktijk blijkt vaak dat ouders het eetgedrag van hun te dikke kinderen trachten te controleren, maar dat zij de obesogene factoren in hun omgeving, zoals bijvoorbeeld het thuis beschikbaar zijn van ongezond eten, onvoldoende veranderen. Het kind blijft met niet gezond eten geconfronteerd en moet zichzelf durend beheersen en begrenzen. Het draagt alleen de verantwoordelijkheid voor een gezond gewicht. De kans dat een kind dit niet volhoudt en het gezond eten en/of meer bewegen opgeeft, is dan groot.

Uit onderzoek blijkt dat het in de behandeling van obesitas bij kinderen effectiever is om (vooral) met de ouders te werken. Daarbij is het van belang hen een autoritatieve opvoedingsstijl te leren ontwikkelen. Ouders die autoritatief opvoeden, nemen namelijk meer verantwoordelijkheid voor de obesogene omgeving. Wanneer er met ouder en kind gewerkt wordt, is het zinvol te bedenken dat er aanwijzingen zijn dat het bereiken van gewichtsafname het meest effectief lijkt wanneer het kind van een andere sekse is dan de ouder.

Op basis van bovenstaande gegevens hebben we ons behandelprogramma, dat er op gericht was om via het kind het eet- en bewegingsgedrag van het kind aan te passen, veranderd. Het nieuwe programma richt zich via de ouders op de eet- en bewegingsgewoonten van het gezin. Tegelijkertijd krijgt het kind bewegingsessies aangeboden om positieve bewegingservaring op te doen. Ook kan zodoende voorkomen worden dat ouders de behandeling weigeren omdat hun kind niet direct bij de behandeling betrokken wordt.

obesitas gedragstherapie ouder- en kindbehandeling 

Literatuur

  1. Bosch, J., Daansen, P., & Braet, C. (2004). Cognitieve gedragstherapie bij obesitas. Houten: Bohn Stafleu van Loghum.Google Scholar
  2. Braet, C., & Winckel, M.A.J.M. van (2001). Behandelingsstrategieën bij kinderen met een overgewicht. Houten: Bohn Stafleu van Loghum.Google Scholar
  3. Bulk-Bunschoten, A.M.W., Renders, C.M., Leerdam, F.J.M. van, & HiraSing, R.A. (2004). Signaleringsprotocol Overgewicht in de Jeugdgezondheidszorg, Vumc Amsterdam.Google Scholar
  4. Epstein, L.H., Myers, M.D., Raynor, H.A., & Saelens, B.E. (1998). Treatment of pediatric obesity. Pediatrics, 101, 554–570.Google Scholar
  5. Gezondheidsraad (2003). Overgewicht en obesitas. Den Haag: Gezondheidsraad (publicatienummer 2003/07).Google Scholar
  6. Golan, M., & Crow, S., (2004).Targeting Parents Exclusively in the Treatment of Childhood Obesity: Long-Term Results. Obesity, Research 12,2, 357–362.Google Scholar
  7. Golan, M., Kaufman, V., & Sharar, D.R. (2006). Childhood obesity treatment: targeting parents exclusively versus parents and children. British Journal of Nutrition, 95, 1008–1015.Google Scholar
  8. Golan, M. (2006). Parents as agents of change in childhood obesity from research to practice. International Journal of Pediatric Obesity,1(2), 66–76.Google Scholar
  9. Hurk, K. van den, Dommelen, P. van, Wilde, J.A. de, Verkerk, P.H., Buuren, S. van, & HiraSing, R.A. (2006). Prevalentie van overgewicht en obesitas bij jeugdigen 4–15 jaar in de periode 2002–2004. Rapportnummer 2006.010. Leiden: TNO Kwaliteit van Leven.Google Scholar
  10. Jelalian, E., & Saelens, B.E. (1999). Empirically supported treatment in pediatric psychology: pediatric obesity. Journal of Pediatric Psychology, 24, 223–248.Google Scholar
  11. Jurg, M.E., Kremers, S.P.J., Dijkman, M.A.M., Bleeker, S.A., Wal. M.F. van der, & Meij, J.S.B. de (2005). Van interventiemodel naar praktijk: Het project ‘JUMP-in, kinderen bewegen’. TSG Tijdschrift voor Gezondheidswetenschappen, 83, 220–227.Google Scholar
  12. Klem, M.L., Wing, R.R., McQuire, M.T., Seagle, H.M., & Hill, J.O. (1997). A descriptive study of individuals successful at long-term maintenance of substantial weight-loss. American Journal of Clinical Nutrition, 66, 239–246.Google Scholar
  13. Mulkens, S., Fleuren, D., Nederkoorn, C., & Meijers, J. (2007). Real Fit. Een multidisciplinaire groepsbehandeling voor jongeren met overgewicht. Tijdschrift voor gedragstherapie, 40, 27–48.Google Scholar
  14. Renders, C.M., Seidell, J.C., Mechelen, W. van, & Hirasing, R.A. (2003). Overgewicht bij kinderen en adolescenten. Maarssen: Elsevier Gezondheidszorg.Google Scholar
  15. Steinbeck, K. (2005). Treatment options. Best Practice & Research Clinical Endocrinology & Metabolism, 19, 455–469.Google Scholar
  16. Temple, J.L., Wrotniak, B.H., Paluch, R.A., Roemmich, J.N., & Epstein, L.H. (2006), Relation between sex of parent and child on weight loss and maintenance in a family-based obesity treatment program, International Journal of Obesity, 30, 1260–1264.Google Scholar
  17. Winckel, M.A.J.M., & Mil, E. van, (2001). Wanneer is dik te dik? In: C. Braet & M.A.J.M. van Winckel (Red.). Behandelingsstrategieën bij kinderen met overgewicht. Houten/Diegem: Bohn Stafleu van Loghum.Google Scholar
  18. Zamethkin, A.J., Zoon, C.K., Klein, W., & Munson, S. (2004). Psychiatrische aspecten van obesitas bij kinderen en adolescenten: een overzicht van de laatste tien jaar. Kind en adolescent review, 11(3), 335–371.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2009

Authors and Affiliations

  • Jacqueline  Rütten
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations