Advertisement

Huisarts en Wetenschap

, Volume 52, Issue 10, pp 483–486 | Cite as

Bloedonderzoek bij onbegrepen klachten: wat vindt de patiënt van uitstel?

  • Loes van Bokhoven
  • Hèlen Koch
Beschouwing
  • 67 Downloads

samenvatting

Van Bokhoven MA, Koch H. Bloedonderzoek bij onbegrepen klachten: wat vindt de patiënt van uitstel? Huisarts Wet 2009;52(10):483-6.

Voor bijna 60% van de patiënten met onbegrepen klachten vragen huisartsen al bij het eerste consult bloedonderzoek aan. De kans dat ze daarmee een ernstige ziekte op het spoor komen is klein en het risico op fout-positieve uitslagen is relatief groot. Huisartsen moeten vaker proberen om niet direct bloedonderzoek aan te vragen, maar eerst vier weken af te wachten. Dat blijkt ook voor de patiënt acceptabel: die wordt daar niet ontevreden of ongerust van. Bovendien is afwachten per saldo zeker niet duurder dan direct aanvragen. Huisartsen zouden ook vaker moeten exploreren hoe de patiënt zélf de ernst van de symptomen inschat, want dit komt niet altijd overeen met hun eigen inschatting. Het is deze mismatch die ontevredenheid en ongerustheid bij de patiënt teweegbrengt, en niet zozeer het uitstellen van bloedonderzoek.

beschouwing onbegrepen klachten patiëntenbeleving 

Notes

Literatuur

  1. Dinant GJ, Van Wijk MAM, Janssens HJEM, Somford RG, De Jager CJ, Beusmans GHMI, et al. NHG-standaard bloedonderzoek: Algemene principes en uitvoering in eigen beheer. Huisarts Wet 1994;37:202-11.Google Scholar
  2. Kenter E, Okkes I, Oskam S, Lamberts H. Tiredness in Dutch family practice: Data on patients complaining of and/or diagnosed with ‘tiredness’. Fam Pract 2003;20:434-40.Google Scholar
  3. Koch H, Van Bokhoven MA, Ter Riet G, Hessels KM, Van der Weijden T, Dinant G-J, et al. What makes general practitioners order blood tests for patients with unexplained complaints? A cross-sectional study. Eur J Gen Pract 2009;15:22-8.Google Scholar
  4. Kok G, Bartholomew LK, Parcel GS, Gottlieb N, Schaalma H, Van Empelen P. Intervention mapping: Een protocol voor het ontwikkelen van op theorie en onderzoek gebaseerde gezondheidsvoorlichting. Tijdschrift voor Gezondheidswetenschappen 2000;78:135-41.Google Scholar
  5. Bartholomew LK, Parcel GS, Kok G, Gottlieb N. Changing behavior and environment: How to plan theory- and evidence-based disease management programs. In: Patterson R, editor. Changing patient behavior: Improving outcomes in health and disease. San Francisco (CA): Jossey-Bass, 2001. p. 73-112.Google Scholar
  6. Van Bokhoven MA, Kok G, Van der Weijden T. Designing a quality improvement intervention: A systematic approach. Qual Saf Health Care 2003;12:215-20.Google Scholar
  7. Van der Weijden T, Van Bokhoven MA, Dinant GJ, Van Hasselt CM, Grol RPTM. Understanding laboratory testing in diagnostic uncertainty: A qualitative study in general practice. Br J Gen Pract 2002;52:974-80.Google Scholar
  8. Van Bokhoven MA, Pleunis-van Empel MCH, Koch H, Grol RPTM, Dinant G-J, Van der Weijden T. Why do patients want to have their blood tested? A qualitative study of patient expectations. Fam Prac 2006;7:75.Google Scholar
  9. Van Bokhoven MA, Koch H, Dinant GJ, Bindels PJ, Grol RP, Van der Weijden T, et al. Exploring the black box of change in improving test-ordering routines. Fam Prac 2008;25:139-45.Google Scholar
  10. Van der Wouden JC, Blankenstein AH, Huibers MJH, Van der Windt DAWM, Stalman WAB, Verhagen AP. Survey among 78 studies showed that Lasagna’s law holds in Dutch primary care research. J Clin Epidemiol 2007;60:819-24.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2009

Authors and Affiliations

  1. 1.

Personalised recommendations