Advertisement

Huisarts en Wetenschap

, Volume 50, Issue 7, pp 494–501 | Cite as

Waarde van de Vierdimensionale Klachtenlijst (4DKL) voor het detecteren van depressieve stoornissen

  • B Terluin
  • F Rijmen
  • HWJ van Marwijk
  • WAB Stalman
Onderzoek

Samenvatting

Terluin B, Rijmen F, Van Marwijk HWJ, Stalman WAB. Detecting depressive disorders using the Four-Dimensional Symptom Questionnaire (4DSQ). Huisarts Wet 2007;50(7):300-5.

Background Depressive disorders often go unrecognised in patients consulting for psychological reasons in general practice. A simple questionnaire that the patient can fill in away from the consultation could be helpful in signalling patients with a high probability of having a depressive disorder.

Aim To assess the discriminative power of the depression scale of the 4DSQ with respect to depressive disorders in general practice patients.

Method Fourteen GPs assessed 55 patients with psychological symptoms using the Short Depression Interview to diagnose depressive disorder according to the guidelines of the Dutch College of General Practitioners. Subsequently, the patients filled in a 4DSQ. We used receiver operating characteristic (ROC) analysis to establish the ability of the depression score to discriminate between patients with and without depressive disorder. Logistic regression analysis was used to estimate likelihood ratios for the range of depression scores (0-12).

Results The area under the ROC curve was 0.88 (95% CI 0.79-0.97). The likelihood ratios varied between 0.14 (0.05-0.34) for a depression score of 0 and 18.12 (4.55-72.1) for a depression score of 12. Posterior probabilities for depressive disorder can be calculated using the likelihood ratios, given the prior probability. In patients with conspicuous psychological problems, who have a prior probability of depressive disorder of 25%, depression scores = 7 indicate a relatively high probability of depressive disorders (44-86%), whereas depression scores < 4 make depressive disorder less likely (probability of 4-13%).

Conclusions The 4DSQ depression scale is a useful tool to help the GP detect depressive disorders in patients with psychological problems.

Samenvatting

Terluin B, Rijmen F, Van Marwijk HWJ, Stalman WAB. Waarde van de Vierdimensionale Klachtenlijst (4DKL) voor het detecteren van depressieve stoornissen. Huisarts Wet 2007;50(7):300-5.

Doelstelling Is de depressieschaal van de Vierdimensionale Klachtenlijst (4DKL) in staat om de aan- of afwezigheid van een depressieve stoornis accuraat in te schatten?

Methode Veertien huisartsen stelden op gestandaardiseerde wijze, conform de NHG-Standaard, de diagnose depressieve stoornis bij 55 patiënten met psychische klachten. Deze patiënten vulden tevens de 4DKL in. In een receiver operating characteristic-analyse (ROC-analyse) vergeleken wij beide methoden met elkaar. Tevens bepaalden wij de likelihoodratio’s van de verschillende depressiescores (range 0-12).

Resultaten De area under the curve van de ROC-analyse was 0,88. Dit betekent dat de score op de 4DKL inderdaad samenhangt met een mogelijk aanwezige depressieve stoornis. Een patiënt met een depressiescore van 7 of hoger heeft waarschijnlijk een depressieve stoornis, een patiënt met een score lager dan 4 heeft waarschijnlijk géén depressieve stoornis.

Conclusie De 4DKL-depressieschaal biedt huisartsen de mogelijkheid om globaal onderscheid te maken tussen patiënten die waarschijnlijk een depressieve stoornis hebben en patiënten die dat waarschijnlijk niet hebben. Zo kan uitgebreidere diagnostiek conform de NHG-Standaard beperkt blijven tot de eerste groep en wordt de laatste groep behoed voor onterechte diagnosen.

depressie klachten onderzoek screening 

Literatuur

  1. Van Marwijk HWJ, Grundmeijer HGLM, Bijl D, Van Gelderen MG, De Haan M, Van Weel-Baumgarten EM, et al. NHG-Standaard Depressieve stoornis (depressie): Eerste herziening. Huisarts Wet 2003;46:614-23.CrossRefGoogle Scholar
  2. Blacker CVR, Clare AW. Depressive disorder in primary care. Br J Psychiatry 1987; 150:737-51.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  3. Katon W, Schulberg H. Epidemiology of depression in primary care. Gen Hosp Psychiatry 1992;14:237-47.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  4. Tiemens BG, VonKorff M, Lin EHB. Diagnosis of depression by primary care physicians versus a structured diagnostic interview: Understanding discordance. Gen Hosp Psychiatry 1999;21:87-96.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  5. Terluin B. De Vierdimensionale Klachtenlijst (4DKL): Een vragenlijst voor het meten van distress, depressie, angst en somatisatie. Huisarts Wet 1996;39:538-47. http://www.emgo.nl/researchtools/H&W1996-12.PDF, geraadpleegd mei 2007.
  6. Terluin B, Van Marwijk HWJ, Adèr HJ, De Vet HCW, Penninx BWJH, Hermens MLM, et al. The Four-Dimensional Symptom Questionnaire (4DSQ): A validation study of a multidimensional self-report questionnaire to assess distress, depression, anxiety and somatization. BMC Psychiatry 2006;6:34. http://www.biomedcentral.com/content/pdf/1471-244X-6-34.pdf, geraadpleegd mei 2007.
  7. Terluin B, Van Hout HPJ, Van Marwijk HWJ, Adèr HJ, Van der Meer K, De Haan M, et al. Reliability and validity of the assessment of depression in general practice: The Short Depression Interview (SDI). Gen Hosp Psychiatry 2002;24:396-405.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  8. Deeks JJ, Altman DG. Diagnostic tests 4: Likelihood ratios. BMJ 2004;329:168-9. http://www.bmj.com/cgi/reprint/329/7458/168, geraadpleegd mei 2007.
  9. Snaith RP. The concepts of mild depression. Br J Psychiatry 1987;150:387-93.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  10. Beck AT, Rush AJ, Shaw BF, Emery G. Cognitive therapy of depression. New York: The Guilford Press, 1979.Google Scholar
  11. Hanley JA, McNeil BJ. The meaning and the use of the area under a reciever operating characteristic (ROC) curve. Radiology 1982;143:29-36.PubMedGoogle Scholar
  12. Twisk JWR. Applied longitudinal data analysis for epidemiology: A practical guide. Cambridge: Cambridge University Press, 2003.Google Scholar
  13. Bouter LM, Van Dongen MCJM, Zielhuis GA. Epidemiologisch onderzoek: Opzet en interpretatie. 5e druk. Houten: Bohn Stafleu van Loghum, 2005.Google Scholar
  14. Gilbody S, Sheldon T, Wessely S. Should we screen for depression? BMJ 2006; 332:1027-30.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  15. Terluin B, Van Hout HPJ, Van Marwijk HWJ, Adèr HJ, Van der Meer K, De Haan M, et al. Diagnose depressie niet zo betrouwbaar te stellen. Huisarts Wet 2004;47:66-70.CrossRefGoogle Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2007

Authors and Affiliations

  • B Terluin
    • 1
  • F Rijmen
  • HWJ van Marwijk
  • WAB Stalman
  1. 1.

Personalised recommendations