Advertisement

Huisarts en Wetenschap

, Volume 47, Issue 3, pp 815–822 | Cite as

Diagnostisch toetsoverleg (dto) vermindert overbodig gebruik aanvullende diagnostiek door huisartsen

  • WH Verstappen
  • T van der Weijden
  • J Sijbrandij
  • I Smeele
  • J Hermsen
  • J Grimshaw
  • R. P. T. M. Grol
Onderzoek

samenvatting

Verstappen WH, Van der Weijden T, Sijbrandij J, Smeele I, Hermsen J, Grimshaw J, Grol RPTM. Diagnostisch toetsoverleg (dto) vermindert overbodig gebruik aanvullende diagnostiek door huisartsen. Huisarts Wet 2004;47(3):127-32.

Achtergrond Huisartsen vragen steeds meer diagnostische tests aan, terwijl volgens de NHG-Standaarden die aantallen juist zouden moeten dalen.

Doel Evaluatie van een innovatieve strategie, het Diagnostisch toetsoverleg (dto), om het aanvraaggedrag van huisartsen te veranderen. Wij onderzochten welk effect het dto heeft op het aantal tests en een aantal volgens de standaarden ‘irrationele’ tests.

Methode Een multicentertrial met een gebalanceerd, incompleet blockontwerp met randomisatie op HAGRO-niveau. Zesentwintig HAGRO’s met in totaal 174 huisartsen uit 5 regio’s met een diagnostisch centrum vormden de onderzoekspopulatie. Dertien HAGRO’s kregen dto voor cardiovasculaire problemen, bovenbuikklachten en onderbuikklachten, en de andere 13 HAGRO’s voor COPD/astma, vage klachten/moeheid en degeneratieve gewrichtsafwijkingen.

Interventie In een halfjaar ontvingen de huisartsen drie opeenvolgende feedbackrapporten waarin hun eigen aanvraaggedrag in vergelijking met dat van hun collega’s in de vorm van een grafiek werd weergegeven. Tijdens drie intercollegiale toetsingsbijeenkomsten in hun HAGRO relateerden zij die rapporten aan bestaande richtlijnen en bespraken de problemen bij en de mogelijkheden tot verandering. Met het maken van expliciete (individuele en HAGRO-) veranderplannen werden de bijeenkomsten afgesloten.

Uitkomstmaten Het gemiddelde van het totale aantal tests, het aantal tests per klinisch probleem en het aantal volgens de richtlijnen ‘irrationele’ tests.

Resultaten De huisartsen die het dto kregen voor de klinische problemen A1-3, vroegen per halfjaar gemiddeld 67 tests minder aan dan de controlehuisartsen (95%-BI –104 - –30). Deze huisartsen vroegen ook significant minder ‘irrationele‘ tests voor de klinische problemen A1-3 aan (95%-BI –27 - –7). De huisartsen die de interventie over de klinische problemen B1-3 kregen, vroegen 28 tests minder aan dan de artsen in de controlearm (95%-BI –74 -14).

Conclusie Deze meervoudige en innovatieve interventie maakte gebruik van sociale beïnvloeding onder collega’s en bleek een effectieve methode om het aanvraaggedrag van huisartsen meer in overeenstemming met de richtlijnen te brengen.

diagnostiek huisartsengedrag kwaliteit van zorg laboratorium (diagnostiek) onderzoek toetsing 

Literatuur

  1. Leurquin P, Van Casteren V, De Maeseneer J. Use of blood tests in general practice: a collaborative study in eight European countries. Eurosentinel Study Group. Br J Gen Pract 1995;45:21-5.Google Scholar
  2. Ayanian JZ, Berwick DM. Do physicians have a bias toward action? A classic study revisited. Medical Decision Making 1991;11:154-8.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  3. Kristiansen IS, Hjortdahl P. The general practitioner and laboratory utilization: why does it vary? Fam Pract 1992;9:22-7.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  4. Holtgrave DR, Lawler F, Spann SJ. Physicians’ risk attitudes, laboratory usage, and referral decisions: the case of an academic family practice center. Med Decis Making 1991;11:125-30.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  5. Zaat JO, Van Eijk JT. General practitioners uncertainty, risk preference, and use of laboratory tests. Med Care 1992;30:846-54.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  6. Wong ET. Improving laboratory testing: can we get physicians to focus on outcome? Clinical Chemistry 1995;41:1241-7.PubMedGoogle Scholar
  7. Hoffrage U, Lindsey S, Hertwig R, Gigerenzer G. Medicine. Communicating statistical information. Science 2000;290:2261-2.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  8. McDonald IG, Daly J, Jelinek VM, Panetta F, Gutman JM. Opening Pandora’s box: the unpredictability of reassurance by a normal test result. BMJ 1996;313:329-32.PubMedGoogle Scholar
  9. Little P, Cantrell T, Roberts L, Chapman J, Langridge J, Pickering R. Why do GPs perform investigations? The medical and social agendas in arranging back X-rays. Fam Pract 1998;15:264-5.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  10. Zaat JOM, Van Eijk JT, Bonte HA. Mag het ook een testje minder? De invloed van een beperking van het aanvraagformulier voor laboratoriumonderzoek. Huisarts Wet 1991;34:72-7.Google Scholar
  11. Geldrop W, Lucassen PBLJ, Smithuis LOMJ. Een probleemgeoriënteerd aanvraagformulier voor laboratoriumonderzoek. Effecten op het aanvraaggedrag van huisartsen. Huisarts Wet 1992;35:192-6.Google Scholar
  12. Van Wijk MA, Van der Lei J, Mosseveld M, Bohnen AM, Van Bemmel JH. De invloed van computer ondersteunende besluitvorming op het aanvragen van bloedonderzoek door huisartsen. Huisarts Wet 2001;44:331-6.CrossRefGoogle Scholar
  13. Winkens RA, Pop P, Bugter Maessen AM, Grol RP, Kester AD, Beusmans GH, et al. Randomised controlled trial of routine individual feedback to improve rationality and reduce numbers of test requests. Lancet 1995;345:498-502.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  14. Grimshaw JM, Russell IT. Effect of clinical guidelines on medical practice: a systematic review of rigorous evaluations. Lancet 1993;342:1317-22.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  15. Oxman AD, Thomson MA, Davis DA, Haynes RB. No magic bullets: a systematic review of 102 trials of interventions to improve professional practice. Can Med Ass Journal 1995;153:1423-31.Google Scholar
  16. Solomon DH, Hashimoto H, Daltroy L, Liang MH. Techniques to improve physicians‘ use of diagnostic tests. A new conceptual framework. JAMA 1998;280:2020-7.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  17. Grol R. Peer review in primary care. Qual Assur Health Care 1990;2:219-26.Google Scholar
  18. Mittman B, Tonesk X, Jacobson P. Implementing clinical practice guidelines: social influence strategies and practitioner behavior change. Qual Rev Bull 1992;18:413-22.Google Scholar
  19. Dijkmans JP, Bentum V STB, Keyzer J, Harms LM. Feedback aan huisartsengroepen vanuit een diagnostisch centrum. Med Contact 1995;46:1473-5.Google Scholar
  20. Vickers AJ, Altman DG. Analysing controlled trials with baseline and follow-up measurements. BMJ 2001;323:1123-4.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  21. Van der Weijden T, Van Bokhoven MA, Dinant GJ, Van Hasselt CM, Grol RP. Understanding laboratory testing in diagnostic uncertainty: a qualitative study in general practice. Br J Gen Pract 2002;52:974-80.PubMedGoogle Scholar
  22. Van der Weijden T, Van Velsen M, Dinant GJ, Van Hasselt CM, Grol R, Van Bokhoven MA, et al. Unexplained complaints in general practice: prevalence, patients’ expectations, and professionals’ test-ordering behavior. Designing a quality improvement intervention: a systematic approach. Med Decis Making 2003;23:226-31.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  23. Winkens RA, Grol RP, Beusmans GH, Kester AD, Knottnerus JA, Pop P. Does a reduction in general practitioners’ use of diagnostic tests lead to more hospital referrals? Br J Gen Pr 1995;45:289-92.Google Scholar
  24. Eccles M, Steen N, Grimshaw J, Thomas L, McNamee P, Soutter J, et al. Effect of audit and feedback, and reminder messages on primarycare radiology referrals: a randomised trial. Lancet 2001;357:1406-9.CrossRefPubMedGoogle Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2004

Authors and Affiliations

  • WH Verstappen
    • 1
  • T van der Weijden
  • J Sijbrandij
  • I Smeele
  • J Hermsen
  • J Grimshaw
  • R. P. T. M. Grol
  1. 1.

Personalised recommendations