Advertisement

Supervisie en Coaching

, Volume 21, Issue 4, pp 17–22 | Cite as

Betekenisgeving in supervisie

Etnisch-culturele socialisatie
  • Marlies van der Linden
Artikelen

Samenvatting

‘Supervisie vindt nooit in het luchtledige plaats, maar komt voort uit en is gericht op een maatschappelijke context die ze zelf mede creëert’ (Van der Linden, 1994, 28). Dit was een openingszin van het artikel ‘Een kleurrijke zoektocht in supervisieland, etnisch-culturele socialisatie in supervisie’. Deze zin is voor mij nog altijd van toepassing en ligt ten grondslag aan mijn belangstelling voor socialisatiefactoren, ook in supervisie (Van der Linden, 1987, 1989, 1994, 1998). In dit artikel ga ik in op socialisatiefactoren die een rol spelen in de betekenisgeving. De rangschikking in belangrijkheid van de socialisatiefactoren leidt tot verschillende perspectieven met veelal eigen vanzelfsprekendheden, die weer tot misverstanden kunnen leiden.

Bibliografie

  1. Bennink, H. (1994). Reflectieve vragen in supervisie en andere begeleidingsgesprekken. Supervisie in opleiding en beroep, 11 (1), 23-45.Google Scholar
  2. Botman, M., Jouwe, N. & Wekker, G. (2001). Caleidoscopische visies, zwarte, migranten-en vluchtelingenvrouwenbeweging in Nederland. Amsterdam: Koninklijk Instituut voor de Tropen.Google Scholar
  3. Laan, G. van der (1990). Legitimatieproblemen in het maatschappelijk werk. Utrecht: SWP.Google Scholar
  4. Cronen, V. (1987). Het individu vanuit systeemtheoretisch perspectief. Systeemtheoretisch Bulletin, 5 (3), 167-197.Google Scholar
  5. Hoffman, E. & Arts, W. (1994). Interculturele gespreksvoering. Houten/Zaventem: Bohn Stafleu Van Loghum.Google Scholar
  6. Hoffman, E. (2002). Interculturele gespreksvoering, theorie en praktijk van het TOPOI-model. Houten/Diegem: Bohn Stafleu Van Loghum.Google Scholar
  7. Linden, M. van der (1987). Socialisatie in supervisie. Supervisie in opleiding en beroep, 4 (2), 12-20.Google Scholar
  8. Linden, M. van der (1989). Supervisie en beroepssocialisatie. In: Supervisor worden-supervisor blijven. Amsterdam: V.O.Cahier, 3, 81-87.Google Scholar
  9. Linden, M. van der (1993). Klassewerk ook in Supervisie. Supervisie in opleiding en beroep, 10 (2), 38-45.Google Scholar
  10. Linden, M. van der (1994). Een kleurrijke zoektocht in supervisieland. Etnisch-culturele socialisatie in supervisie. Supervisie in opleiding en beroep, 11 (4), 28-38.Google Scholar
  11. Linden, M. van der (1998).Twee verschillende zelfconstructen in supervisie. Supervisie in opleiding en beroep, 15 (4), 172-182.Google Scholar
  12. Linden, M. van der & Teerling, P. (1999). 3 x 3 = 9, het driewereldenperspectief als instrument tot kwaliteitsverbetering in de bespreking van casuïstiek. In: V. van den Bersselaar (red. ) Zorgvuldig hulpverlenen, maatschappelijk werk en sociale participatie. Amsterdam: Van Gorcum.Google Scholar
  13. Mens-Verhulst, J. van (2001), Diversiteit in theorie en praktijk, een bericht uit de feministische hulpverlening. Tijdschrift voor Humanistiek, 6, 7-18.Google Scholar
  14. Schuringa, L. (2004). Hoe loop je de weg? Reactie op Bertje Leuw, Supervisie en socialisatie. Supervisie en coaching, 21 (1), 47-50. Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2004

Authors and Affiliations

  1. 1.

Personalised recommendations