Advertisement

Tijdschrift voor Psychotherapie

, Volume 22, Issue 6, pp 223–230 | Cite as

Stemmingsproblemen – 25 jaar ontwikkelingen in theorievorming en behandeling

  • F. A. Albersnagel
Article

Abstract

Naast de diagnostiek laten vooral de theorievorming en de behandeling van stemmingsproblemen de afgelopen 25 jaar een aantal belangrijke ontwikkelingen zien. Resultaten van zowel psychofarmacologische als psychotherapeutische behandelingen suggereren substantiële vooruitgang, zoals gedocumenteerd in het grootscheepse onderzoek van het Noord–Amerikaanse National Institute of Mental Health. In gang gezet door het succes van de interpersoonlijke therapie, komen de kennis en kunde van psychoanalytisch georiënteerde behandelaars weer meer in beeld. Een richting waarop ook Rogerianen en gedragstherapeuten aanspraken doen. Onder de noemer van methode van de interactieve substemen is door Teasdale en medewerkers een model gepresenteerd. Dit zou kunnen dienen om onder meer gedragstherapeutische en Rogeriaanse benaderingswijzen van stemmingsproblemen te voorzien van een gemeenschappelijk theoretisch fundament. De kwaliteit van zorg op het gebied van stemmingsproblemen zal, zo wordt verondersteld, door de geschetste ontwikkelingen een belangrijke impuls kunnen krijgen.

Notes

Literatuur

  1. Albersnagel, F.A. (1989). Psychotherapie: van scholenstrijd naar eclecticisme en integratie? Een nadere beschouwing met het accent op ontwikkelingen binnen de gedragstherapie. Psychologie en Maatschappij, 13, 1, 5–18.Google Scholar
  2. Albersnagel, F.A. (1989). Het cognitieve model. In F.A. Albersnagel, P.M.G. Emmelkamp & R.H. van den Hoofdakker (red.), Depressie, theorie, diagnostiek en behandeling. Hoofdstuk 6. Deventer: Van Loghum Slaterus.Google Scholar
  3. Albersnagel, F. (1973). Opmerkingen over menselijk geluk. Bijdragen tot de psychologie (voorloper van Gedrag), 1, 3–33.Google Scholar
  4. Albersnagel, F.A., Boelens, W., Debats, D.L.H.M., & Emmelkamp, P.M.G. (1989). Gedragstherapeutische en cognitieve interventies. In F.A. Albersnagel, P.M.G. Emmelkamp & R.H. van den Hoofdakker (red.), Depressie, theorie, diagnostiek en behandeling. Hoofdstuk 9. Deventer: Van Loghum Slaterus.Google Scholar
  5. Albersnagel, F.A., Emmelkamp, P.M.G., & Hoofdakker, R.H. van den (red.) (1989). Depressie: Theorie, diagnostiek en behandeling. Deventer: Van Loghum Slaterus.Google Scholar
  6. Albersnagel, F.A., & Vanaerschot, G. (red.) (1995). Themanummer n.a.v. de studiedag ‘Een spiegel onder de loep’, met bijdragen van: Haayman, Van Kalmthout, Van Audenhove, Lietaer & Schagen. Tijdschrift voor Psychotherapie, 21, 3, 167–212.Google Scholar
  7. Arntz, A., & Boelens, W. (1989). Interactionele modellen. In F.A. Albersnagel, P.M.G. Emmelkamp & R.H. van den Hoofdakker (red.), Depressie, theorie, diagnostiek en behandeling. Hoofdstuk 7. Deventer: Van Loghum Slaterus.Google Scholar
  8. Becker, J. (1974). Depression: Theory and research. New York: Wiley.Google Scholar
  9. Bergin, A.E., & Garfield, S.L. (Eds.) (1994). Handbook of psychotherapy and behavior change, fourth edition. New York: Wiley.Google Scholar
  10. Boelens, W. (1990). Cognitieve therapie en gedragstherapie bij depressie, een evaluatieonderzoek. Academisch proefschrift. Groningen, Rijksuniversiteit.Google Scholar
  11. Burg, W. van den (1994). De werkzaamheden van antidepressiva. Blikvernauwing in de biologische psychiatrie. Maandblad Geestelijke volksgezondheid, 49, 11, 1195–1210.Google Scholar
  12. Consumer Reports (1995, november). Mental health. Does therapy help?, pp. 734–739.Google Scholar
  13. Coyne, J.C. (1976). Toward an interactional description of depression. Psychiatry, 39, 28–40.PubMedGoogle Scholar
  14. Diekstra, R. (1994). Het geestige lichaam. Tussen brein en body. Utrecht: Bruna.Google Scholar
  15. Eelen, P. (1988). Gedragstherapie: van consommé tot bouillabaisse. Tijdschrift voor Psychotherapie, 14, 128–136.Google Scholar
  16. Eelen, P., & Van den Bergh, O. (1982/83). Cognitieve gedragstherapie: Een hybride. Tijdschrift voor Klinische Psychologie, 13, 4–27.Google Scholar
  17. Elkin, J., Shea, M.T., Watkins, J.T., Imber, S.D., Sotsky, S.M., Collins, J.F., Glass, D.R., Pilkonis, P.A., Leber, W.R., Docherty, J.P., Fiester, S.J., & Parloff, M.B. (1989). National Institute of Mental Health Treatment of Depression Collaborative Research Program. General effectiveness of treatment. Archives of General Psychiatry, 46, 971–982.PubMedGoogle Scholar
  18. Fortmann, H. (1968). Als ziende de Onzienlijke. Deel 3b. Religie en geestelijke gezondheid. Hilversum: Paul Brand.Google Scholar
  19. Friesland, J. van, & Witteman, P. (red.) (1995). Opgenomen. Witteman bij de psychiater. Amsterdam: Balans.Google Scholar
  20. Hodiamont, P.P.G. (1995). Comorbiditeit van angst en andere psychiatrische stoornissen. In J.A. den Boer & H.G.M. Westenberg (red.), Leerboek angststoornissen. Een neurobiologische benadering. Hoofdstuk 3. Utrecht: De Tijdstroom.Google Scholar
  21. Hoofdakker, R.H. van den (1995a). De mens als speelgoed. (Trimboslezing 11 januari 1995, Utrecht). Utrecht: Nederlands centrum Geestelijke volksgezondheid.Google Scholar
  22. Hoofdakker, R.H. van den (1995b). Afscheidscollege, 28 november 1995. Groningen: Rijksuniversiteit. Onder de titel: ‘De biologie van het geluk’ inmiddels verschenen in Nieuw Wereldtijdschrift, 1996, 13(2), 69–77, en in Maandblad Geestelijke volksgezondheid, 1996, 51(3), 227–244.Google Scholar
  23. Jonghe, F. de (1991). Psychotherapie van de depressie in engere zin: twee specifieke benaderingen. Tijdschrift voor Psychotherapie, 17 (4), 215–223.Google Scholar
  24. Kerlinger, F. (1967). Foundations of behavioral research. Educational and psychological inquiry. New York: Holt.Google Scholar
  25. Ormel, J., Sytema, S., & Oldehinkel, A.J. (1995). Epidemiologische aspecten van angst. In J.A. den Boer & H.G.M. Westenberg (red.), Leerboek angststoornissen. Een neurobiologische benadering. Hoofdstuk 4. Utrecht: De Tijdstroom.Google Scholar
  26. Praag, H.M. van (1982). Psychiatrie. In H. Bergman & H.J. Schoo (red.), Zo ver is de wetenschap. Utrecht/Antwerpen: Het Spectrum.Google Scholar
  27. Praag, H.M. van (1995). Zijn de nadagen van de psychotherapie in zicht? Tijdschrift voor Psychotherapie, 21, 6, 504–508.Google Scholar
  28. Ross, A. (1991). Growth without progress, Contemporary Psychology, 36, 743–744.Google Scholar
  29. Swildens, H. (1989). Ten geleide bij Weissman c.s. Psychotherapeutisch Paspoort (voorloper van Psychotherapie. Toegang tot de internationale vakliteratuur), 1, 5.3–5.4.Google Scholar
  30. Teasdale, J.D. (1994). Emotie en twee soorten betekenis: cognitieve therapie en toegepaste cognitieve wetenschap. Psychotherapie. Toegang tot de internationale vakliteratuur, 1, 1, 21–58. Vertaling van Emotion and two kinds of meaning: Cognitive therapy and applied cognitive science (1993). Behaviour Research and Therapy, 31, 4, 339–354.Google Scholar
  31. Vanaerschot, G., & Lietaer, G. (1995). Onderzoek in de psychotherapie: een zaak voor academici? Tijdschrift voor Psychotherapie, 21 , 6, 527–533.Google Scholar
  32. Visser, H. (1994). Pillen voor de ziel. Interview met dr. J.A. den Boer. NRC Handelsblad, 11 mei 1994.Google Scholar
  33. Weissman, M.M., Klerman, G.L., Rounsaville, B.J., Chevron, E.S., & Neu, C. (1989). Korte interpersoonlijke psychotherapie bij depressies. Psychotherapeutisch Paspoort (voorloper van Psychotherapie. Toegang tot de internationale vakliteratuur), 1, 5.5–5.29. Vertaling van: Short–term interpersonal psychotherapy, IPT for depression: Description and efficacy. In J.C. Anchin & D.J. Kiesler (Eds.), Handbook of interpersonal psychotherapy. Hoofdstuk 16.Google Scholar
  34. Williams, J.M.G. (1984). The psychological treatment of depression . Londen: Croom Helm.CrossRefGoogle Scholar
  35. Zeiss, A.M., Lewinsohn, P.M., & Muñoz, R.F. (1979), Nonspecific improvement effects in depression using interpersonal skills training, pleasant activity schedules, or cognitive training. Journal of consulting and clinical Psychology, 47, 427–434.CrossRefPubMedGoogle Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 1996

Authors and Affiliations

  • F. A. Albersnagel
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations