Advertisement

Tijdschrift voor Psychotherapie

, Volume 21, Issue 4, pp 172–180 | Cite as

Serie vrouw en psychotherapie

Een moeder–dochter–symbiose in de adolescentie
  • H. C. Halberstadt–Freud
Article

Abstract

In deze gevalsstudie van een adolescente in een wekelijkse psychotherapie gaat het om de moeder–dochterrelatie en de verwikkelingen daarin, die in een klassieke psychoanalyse meestal over het hoofd worden gezien. In de beschreven relatie is sprake van een symbiose, die opgevat wordt als een pathogene illusie. In de biologie wordt het concept symbiose gebruikt als een tweezijdige vorm van afhankelijkheid. Deze definitie is beter geschikt om een pathologische objectrelatie te omschrijven dan een ontwikkelingsfase. De ‘symbiotische illusie’ bestaat uit een pact, waarin liefde ingeruild wordt voor totale toewijding en afhankelijkheid. Deze narcistische band verhindert separatie en individuatie en resulteert in een identificatie met het imago van een ouder met buitensluiting van de andere. Deze symbiotische illusie wordt vaker gezien tussen een moeder en haar dochter. Bij moeders en zonen resulteert deze eerder in perversies en homoseksualiteit.

Notes

Literatuur

  1. Bernstein, Doris (1993). In Norbert Friedman & Betsy Distler (Eds.), Female identity conflict in clinical practice. New Jersey/Londen: Jason Aronson.Google Scholar
  2. Brody, Sylvia, (1982). Psychoanalytic theories of development and its disturbances. A critical evaluation. Psychoanalytic Quarterly, 51(4), 526–597.PubMedGoogle Scholar
  3. Castoriadis–Aulagnier, Piera (19.). La violence de l'interprétation. Du pictogramme à l'énoncé. Parijs: Le Fil Rouge/PUF.Google Scholar
  4. Groen, Jan (1986). Afgunst regeert de wereld. Meppel/Amsterdam: Boom.Google Scholar
  5. Halberstadt–Freud, H.C. (1991). Freud, Proust, perversion and love. Amsterdam/Berwyn, PA: Swets & Zeitlinger.Google Scholar
  6. Halberstadt–Freud, H.C. (1993). Do girls change their object? In Han Groen–Prakken & Antonie Ladan (Eds.), The Dutch annual of psychoanalysis. Google Scholar
  7. Halberstadt–Freud, H.C. (1993). Postpartum depression and symbiotic illusion. Psychoanalytic Psychology, 10, 407–423.CrossRefGoogle Scholar
  8. Lebovici, Serge (1983). Le nourisson, la mère et le psychanalyste. Parijs: Paidos, le Centurion.Google Scholar
  9. Mahler, Margaret S. (1968). On human symbiosis and the vicissitudes of individuation. Vol. 1, Infantile psychosis. New York: International Universities Press.Google Scholar
  10. Mahler, Margaret S. (1972). A study of the separation–individuation process and its possible application to borderline phenomena in the psychoanalytic situation. Psychoanalytic Study of the Child, 26, 403–424.Google Scholar
  11. Mahler, Margaret S., Pine, Fred, & Bergmann, Anni (1975). The psychological birth of the human infant. Symbiosis and individuation. Londen: Hutchinson.Google Scholar
  12. Pine, Fred (1992). Some reflections on the separation–individuation concept in light of research on infants. The Psychoanalytic Study of the Child, 103–111.Google Scholar
  13. Stern, Daniel N. (1985). The interpersonal world of the infant. New York: Basic Books.Google Scholar
  14. Waning, Adeline van (1994). Geen woorden maar daden. Over ageren: een empirisch onderzoek naar een psychoanalytisch concept. Amsterdam: Thesis publishers.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 1995

Authors and Affiliations

  • H. C. Halberstadt–Freud
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations