Advertisement

Klinisch beloop van overspanning: persisterende moeheid

  • E. Dorant
  • G. M. van der Molen
  • A. J. M. Schmidt
Onderzoek
  • 59 Downloads

Samenvatting

Het doel van het onderzoek was het klinische beloop van overspanning en verschillende klachten die de toestand van overspanning kenmerken, te beschrijven. Dit werd gedaan door middel van een longitudinaal, observationeel onderzoek bij patiënten die vanwege de ernst of complexiteit van werkgerelateerde overspanningsklachten zijn verwezen voor gespecialiseerde psychotherapeutische behandeling. De mate van overspanning, comorbiditeit, ziekteverzuim, therapeutische en demografische kenmerken zijn gemeten met gevalideerde vragenlijsten op vier momenten: voor, na, en 3 en 9 maanden na afronding van de behandeling. Op basis van de Overspanningsklachtenlijst werd de gemiddelde Overspanningsscore berekend en werden de individuele klachten ingedeeld in cognitieve en emotionele klachten, en moeheid. Referentiewaarden voor overspanning (OS = 1,7 (SD 0,7)) en moeheid (2,7 (SD 1,1)) werden verzameld in een werkende populatie.

Bij de 57 deelnemers werd met gemiddeld 7,5 behandelcontacten en een gemiddelde behandelduur van 6 maanden een significante daling van de OS-score bereikt van 3,4 (SD 0,6) voor intake naar 2,0 (SD 0,8) bij afronding van behandeling. Daarna nam het klachtenniveau toe tot 2,3 (SD 1,0) bij 9 maanden follow-up. De OS-score was op elk meetmoment significant hoger dan in de referentiegroep. De cognitieve en emotionele klachten daalden gelijkelijk, met een significante daling tijdens het behandeltraject. Moeheid nam aanvankelijk significant af, maar steeg daarna, met name bij mensen die ook hoog scoorden op de BDI, tot een significant hoger niveau vergeleken met de referentiegroep.

overspanning burn-out cognitieve psychotherapie follow-up cognitie, emotie moeheid 

Literatuur

  1. Schmidt AJM. De psychologie van overspanning. Theorie en praktijk. Amsterdam: Boom, 2000.Google Scholar
  2. Klink JJL van der, Terluin B (red). Psychische problemen en werk. Handboek voor een activerende begeleiding door huisarts en bedrijfsarts. Houten: Bohn Stafleu Van Loghum, 2005.Google Scholar
  3. Terluin B, Dijk D van, Klink J van der, et al. De behandeling van overspanning. Een systematisch literatuuroverzicht. Huisarts Wet 2005; 48: 7–12.CrossRefGoogle Scholar
  4. Romeijnders A, Vriezen JA, Klink JJL van der, et al. Landelijke Eerstelijns Samenwerkings Afspraak Overspanning. Huisarts Wet 2005; 48: 20–23.Google Scholar
  5. NVAB/ Klink JJL van der (red). Handelen van de bedrijfsarts bij werknemers met psychische klachten. Eindhoven: NVAB, 2000.Google Scholar
  6. Firth J, Shapiro DA. An evaluation of psychotherapy for job-related stress. J Occ Psychol 1986; 59: 111–119.Google Scholar
  7. Versteeg AM, Verbraak MJPM. De effecten van de behandeling van burn-out. Tijdschr Bedrijfs Verzekeringsgeneeskd 2002; 10: 164–169.CrossRefGoogle Scholar
  8. Schmidt AJM, Dorant E. De Overspannings Klachtenlijst (O.K.). Handleiding. Maastricht: Universiteit Maastricht, 2004.Google Scholar
  9. Beck AT, Rush AJ, Shaw BF, et al. Cognitive therapy of depression. New York: Wiley and Sons, 1979, pp. 389–399.Google Scholar
  10. Arrindell WA, Ettema JHM. SCL-90: Handleiding bij een multidimensionele psychopathologie-indicator. Lisse: Swets & Zeitlinger, 1986.Google Scholar
  11. Schaufeli WB, Dierendonck D van. UBOS – Utrechtse Burnout Schaal: Handleiding. Lisse: Swets & Zeitlinger, 2000.Google Scholar
  12. Brenninkmeijer V, Yperen N van. How to conduct research on burnout: advantages and disadvantages of a unidimensional approach in burnout research. Occup Environ Med 2003; 60: i16–i20.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  13. Sandstrom A, Nystrom Rhodin I, Lundberg M, et al. Impaired cognitive performance in patients with chronic burnout syndrome. Biol Psychol 2005; 69: 271–279.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  14. Schaap CPDR, Keijsers GPJ, Vossen CJC, et al. Behandeling van burnout. In: Hoogduin CAL, Schaufeli WB, Schaap CPDR, Bakker AB (red), Behandelingsstrategieën bij burnout. Houten/Diegem: Bohn Stafleu Van Loghum, 2001, pp. 62–82.Google Scholar
  15. Verdellen CWJ, Kriens S. De tertiaire preventie van burnout: behandeling en terugvalpreventie. In: MJPM Verbaak (red), Preventie van verzuim als gevolg van werkstress, burnout en overige psychische klachten: achtergronden, instrumenten en interventies. Nijmegen: Cure & Care Publishers, 2003.Google Scholar
  16. Jansen N, Schroer CAP, Nijhuis FJN. Fatigue as a predictor of return to work in different diagnosis groups. Maastricht: Universitaire Pers Maastricht, 2004.Google Scholar
  17. Meijman TF. Psychische vermoeidheid. Cahiers Biowetenschappen en Maatschappij 1997; 19(3): 5–15.Google Scholar
  18. Klink JJL van der, Blonk RWB, Schene AH, et al. Reducing long term sickness absence by an activating intervention in adjustment disorders: a cluster randomised controlled design. Occup Environ Med 2003; 60: 429–437.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  19. Nieuwenhuijsen K. Employees with common mental disorders: from diagnosis to return to work. Amsterdam: Universiteit van Amsterdam, 2004.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2006

Authors and Affiliations

  • E. Dorant
    • 1
  • G. M. van der Molen
    • 1
  • A. J. M. Schmidt
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations