Advertisement

Kind en adolescent

, 14:46 | Cite as

Systematisering van het diagnostische proces: pleidooi voor het hypothesentoetsend model

  • N. K. Pameijer
Article

semenvatting

Toepassing van een hypothesentoetsend model in de praktijk kan tot procedurele kwaliteitsverbetering leiden. Na de verschillende stappen van zo'n model te hebben besproken, worden drie redenen voor de toepassing ervan gegeven. Allereerst zou dit tot een verhoging van de wetenschappelijke kwaliteit van de diagnostiek leiden, omdat het proces systematischer verloopt en het beslissingsproces inzichtelijker wordt. Voorts krijgen foutenbronnen minder de kans om invloed uit te oefenen tijdens het complexe diagnostische proces. Zo zouden diagnosten de waarschijnlijkheden van hun oordelen juister inschatten en hun eerste indruk, indien noodzakelijk, bijstellen. Ten derde bevordert het model een behandelingsgerichte diagnostiek door de verklaringsgerichte werkwijze en door de fase van indicatiestelling.

diagnosis hypothesis testing 

Summary

This article argues that the application in clinical practice of a certain diagnostic model i.e. the hypothesis testing model, can lead to an improvement in the diagnostic procedure. The different phases of this model are presented, and three reasons in favour of the application of this model are discussed. In the first instance, the model may increase the scientific quality of the diagnostic process due to its systematic approach. Secondly, the impact of impediments on clinical judgement, such as over–confidence and premature closure, is reduced. Thirdly, the application of the model leads to a diagnostic process that focuses on intervention.

Literatuur

  1. Arkes, H.R. (1981). Impediments to accurate clinical judgment and possible ways to minimize their impact. Journal of Consulting and Clinical Psychology, 49, 323–330.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  2. Bergh, P.M. van den (1991). Beslist geïnformeerd …? Een onderzoek naar de opnamebesluitvorming in drie internaten voor jeugdhulpverlening. Leuven/Apeldoorn: Garant.Google Scholar
  3. Bruyn, E.E.J. De (1984). Psychodiagnostiek in ontwikkeling. Inaugurele rede, Katholieke Universiteit Nijmegen.Google Scholar
  4. Bruyn, E.E.J. De (1985). Psychodiagnostiek: Een systematische inleiding vanuit het klinisch gezichtspunt. Rotterdam: Lemniscaat.Google Scholar
  5. Bruyn, E.E.J. De (1992). Van aanmelding naar advies: De diagnostische cyclus. In R. de Groot & J. van Weelden (Red.), Orthopedagogiek: Inzicht, uitzicht en overzicht (pp. 56–71). Groningen: Wolters–Noordhoff.Google Scholar
  6. Bruyn, E.E.J. De, Pameijer, N.K., Ruijssenaars, A.J.J.M. & Aarle, E.J.M. van (in voorbereiding). Klinische psychodiagnostiek: Een handleiding bij het doorlopen van het diagnostische beslissingsproces.Google Scholar
  7. Bruyn, E.E.J. De, Pijnenburg, H.M. & Kessel, P. van (1986). Diagnostische besluitvorming in een multi–disciplinair team. Tijdschrift voor Orthopedagogiek, 25, 574–587.Google Scholar
  8. Bus, A.G. (1990). Een reactie op de brochure ‘Diagnostiek in de pedagogische hulpverlening’. Nederlands Tijdschrift voor Opvoeding, Vorming en Onderwijs, 6, 174–175.Google Scholar
  9. Bus, A.G., Spreen, A., Vreede J. de & IJzendoorn, W.J.E. van (1986). Komen adviezen over lees– en spellingsproblemen overeen en waardoor ontstaan verschillen? Tijdschrift voor Orthopedagogiek, 25, 563–574.Google Scholar
  10. Carlier, E., Kousemaker, N.P.J. & Sigmond–de Bruin, E.M. (Red.) (1989). Diagnostiek in de hulpverlening: Model in praktijk. Amsterdam/Lisse: Swets & Zeitlinger.Google Scholar
  11. Christenson, S., Graden, J., Potter, M. & Ysseldyke, J.E. (1981). Current Research on psycho–educational assessment and decision making, implications for training and practice. Minneapolis: University of Minnesota, Institute for Research on Learning Disabilities.Google Scholar
  12. Elstein, A.S., Shulman, A.S. & Sprafka, S.A. (1978). Medical problemsolving: An analysis of clinical reasoning. Cambridge: Harvard University Press.Google Scholar
  13. Epps, S., McGue, M. & Ysseldyke, J.E. (1982). Interjudge agreement in classifying students as learning disabled. Psychology in the Schools, 19, 209–220.CrossRefGoogle Scholar
  14. Frame, R., Clarizio, H.F., Porter, A.C. & Visonhaler, J.R. (1982). Interclinician agreement and bias in school psychologists’ diagnostic and treatment recommendations for a learning disabled child. Psychology in the Schools, 21, 319–327.CrossRefGoogle Scholar
  15. Friedlander, M.L. & Stockman, S.J. (1983). Anchoring and publicity effects in clinical judgment. Journal of Clinical Psychology , 39, 637–644.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  16. Groot, A.D. de (1961). Methodologie: Grondslagen van onderzoek en denken in de gedragswetenschappen. ‘s–Gravenhage: Mouton.Google Scholar
  17. Knorth, E.J. (1991). Residentiële zorg voor kinderen en adolescenten: Onderzoek naar bewonerskenmerken en plaatsingsbeslissingen. Tijdschrift voor Orthopedagogiek, Kinderpsychiatrie en Klinische Kinderpsychologie , 16, 155–166.Google Scholar
  18. Koele, P. (1992). Vertekeningen. De Psycholoog, 27, 111–114.Google Scholar
  19. Kooij, R. van der, Raijmakers, L.P.T., Baartman, H.E.M., Carlier, E.M.H.J., Franken, M.L.O., Hamers, H.J.A. & Veld–Koelman, G.A.G. in 't (Red.) (1988). Diagnostiek in de pedagogische hulpverlening: Beroepsprofiel diagnosticus. Utrecht: Nederlandse Vereniging van Pedagogen, Onderwijskundigen en Andragologen.Google Scholar
  20. Kruizinga, T.H. & Bus A.G. (1988). Het redeneren van leerlingbegeleiders over lees– en spellingsproblemen. In A.G. Bus & S.J. Pijl (Red.), Diagnostiek en leerlingbegeleiding. Amsterdam/Lisse: Swets & Zeitlinger.Google Scholar
  21. Londen, A. van (1989). Enuresis Nocturna: Wektraining voor enuresis nocturna bij kinderen. Academisch proefschrift. Rijksuniversiteit Utrecht.Google Scholar
  22. McDermott, P.A. (1980). Congruence and typology of diagnoses in schoolpsychology: An empirical study. Psychology in the Schools, 17, 12–24.CrossRefGoogle Scholar
  23. Pameijer, N.K. (1992). Het hypothesentoetsend model en de diagnostiek van leer– en opvoedingsproblemen in de praktijk. Amsterdam: Gemeentelijk Pedologisch Instituut.Google Scholar
  24. Pameijer, N.K., De Bruyn, E.E.J., Ruijssenaars, A.J.J.M. & Aarle, E.J.M. van (1989). Handleiding diagnostiek: richtlijnen bij het uitvoeren van het diagnostisch proces. Nijmegen: Katholieke Universiteit Nijmegen, Instituut voor Orthopedagogiek.Google Scholar
  25. Pijl, Y.J. (1989). Het toelatingsonderzoek in het LOM– en MLK–onderwijs. Academisch proefschrift. Groningen: RION.Google Scholar
  26. Pijl, Y.J. & IJzendoorn, W.J.E. van (1988). Het nut van het pedagogisch–didactisch en het psychologisch onderzoek. In A.G. Bus & S.J. Pijl (Red.), Diagnostiek en leerlingbegeleiding (pp. 91–103). Amsterdam/Lisse: Swets & Zeitlinger.Google Scholar
  27. Rispens, J., Carlier, E. & Schoorl, P. (Red.) (1984). Diagnostiek in de hulpverlening. Lisse: Swets & Zeitlinger.Google Scholar
  28. Rispens, J., Carlier, E. & Schoorl, P. (Red.) (1990). Diagnostiek in de hulpverlening: Methodische aspecten. Amsterdam/Lisse: Swets & Zeitlinger.Google Scholar
  29. Sandifer, M.G., Hordern, A. & Green, L.M. (1970). The psychiatric interview: The impact of the first three minutes. American Journal of Psychiatry, 126, 968–973.PubMedGoogle Scholar
  30. Schenck, S.J. (1980). The diagnostic/instructional link in individualized education programs. The Jornal of Special Education, 14, 337–345.CrossRefGoogle Scholar
  31. Snyder, M. & Swann Jr., W.B. (1978). Hypothesis–testing processes in social interaction. Journal of Personality and Social Psychology , 36, 1202–1212.CrossRefGoogle Scholar
  32. Spitzer, R.L. & Fleiss, J.L. (1974). A re–analysis of the reliability of psychiatric diagnosis. British Journal of Psychiatry, 125, 341–347.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  33. Stevens, L.M. (1982). Diagnostiek bij leerproblemen. In D.B. Baarda & E.J. Zwaan (Red.), Alternatieven in de psychodiagnostiek (pp. 35–50). Nijmegen: Dekker & Van de Vegt.Google Scholar
  34. Strien, P.J. van (1984). Naar een verwetenschappelijking van de praktijk. Tijdschrift voor Orthopedagogiek, 23, 162–181.Google Scholar
  35. Visonhaler, J.S., Weinshank, A.B., Wagner, C.C. & Polin, R.M. (1983). Diagnosing children with educational problems: Characteristics of reading and learning disabilities specialists and classrooms teachers. Reading Research Quarterly, 18, 134–164.CrossRefGoogle Scholar
  36. Visser, R.J.H., Vliet–Mulder, J.C. van, Evers, A. & Laak, J. ter (1982). Documentatie van tests en testresearch in Nederland. Amsterdam: Swets & Zeitlinger.Google Scholar
  37. Ysseldyke, J.E. & Algozzine, B. (1981). Diagnostic classification decisions as a function of referral information. Special Education , 15, 429–435.CrossRefGoogle Scholar
  38. Ysseldyke, J.E., Thurlow, M.L., Graden, J.L., Wesson, C., Algozzine, B. & Deno, S.L. (1983). Generalizations from five years of research on assessment and decision–making. Exceptional Education Quarterly, 4, 75–94.Google Scholar
  39. IJzendoorn, W.J.E. van (1990). Prognoses voor probleemleerlingen: Onderzoek naar de geldigheid van diagnoses. Academisch proefschrift. Groningen: RION.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 1993

Authors and Affiliations

  • N. K. Pameijer
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations