Advertisement

Bijblijven

, Volume 21, Issue 2, pp 51–56 | Cite as

Persoonlijkheidsstoornissen in de huisartspraktijk

  • M. Jacobs
Artikel
  • 59 Downloads

Samenvatting

Iedere huisarts heeft in zijn praktijk te maken met mensen met een persoonlijkheidsstoornis. Soms weet hij dat doordat de diagnose gesteld is in de tweedelijns ggz, soms vermoedt hij het doordat de patiënt zowel bij hemzelf als bij andere hulpverleners vergelijkbare reacties oproept. Door zich hiervan bewust te zijn, door kennis te hebben van persoonlijkheidsstoornissen en door er een professionele werkhouding tegenover aan te nemen, kan de huisarts de werkrelatie met deze patiënten aanzienlijk verbeteren. Dit komt niet alleen de patiënt ten goede, maar zal ook het gevoel van belasting van de huisarts aanzienlijk verminderen.

Het begrip ‘persoonlijkheidsstoornis’, afkomstig uit de dsm-iv-r, is meestal een diagnose die gesteld wordt door de psychiater. Het begrip als diagnose is niet zo zinvol voor de huisarts, maar als werkhypothese is het goed bruikbaar. Dit hoofdstuk gaat er over hoe de huisarts de persoonlijkheidsstoornis als werkhypothese kan gebruiken, welke valkuilen hij kan tegenkomen en welke vorm van professioneel handelen adequaat is.

persoonlijkheidsstoornissen huisartspraktijk arts-patiëntrelatie diagnostiek van persoonlijkheidsstoornissen behandeling van persoonlijkheidsstoornissen 

Literatuur

  1. Moran P, Jenkins R, Tylee A, Blizard R, Mann A. The prevalence of personality disorder among UK primary care attenders. Act Psychiatr Scand 2000;102:52-7.CrossRefGoogle Scholar
  2. Moran P, Rendu A, Jenkins R, Tylee A, Mann A. The impact of personality disorder in UK primary care. Psychol Med 2001;31:1447-54.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  3. Casey PR, Tyrer P. Personality disorders and psychatric illness in general practice. Br J Psychiatry 1990;156:261-5.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  4. Rendu A, Moran P, Patel A, Knapp M, Mann A. Economic impact of personality disorders in UK primary care attenders. Br J Psychiatry 2002;181:62-6.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  5. American Psychiatric Association. Diagnostische criteria van de dsm-iv-r. Lisse: Swets & Zeitlinger; 2002.Google Scholar
  6. Dawson DF. Relationship management and the borderline patient. Can Fam Physician 1993;39:833-9.PubMedGoogle Scholar
  7. Fink P. Psychiatric illness in patients with persistent somatisation. Br J Psychiatry, 1995;166:93-9.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  8. Jacobs M. Omgaan met patiënten met een borderline persoonlijkheidsstoornis in de huisartspraktijk. Huisarts en Wetenschap 2000;43:227-9.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2005

Authors and Affiliations

  • M. Jacobs
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations