Advertisement

Medisch-Farmaceutische Mededelingen

, Volume 44, Issue 9, pp 249–250 | Cite as

Alzheimer, hoe verder?

  • E. van der DoesSr.
Redactioneel
  • 47 Downloads

Samenvatting

Al 25 jaar wordt de ziekte van Alzheimer pathogenetisch in verband gebracht met een deficiëntie van de neurotransmitter acetylcholine in de hersenen. Toch realiseert men zich dat dit niet het enige is. Steeds prangender wordt de vraag wat de rol is van de β-amyloïdafzettingen, van de zogenaamde tau-eiwitknopen, van oxydatieve stress en van een zeer waarschijnlijke ontstekingscomponent? Beïnvloeding van deze processen zou immers het ziektebeloop kunnen sturen. Momenteel worden geneesmiddelen ontwikkeld die ingrijpen op deze processen: de zogenaamde disease modifying agents.

Literatuur

  1. Walker LC, Rosen RF. Alzheimer therapeutics – what after the cholinesterase inhibitors? Age and Ageing 2006; 35: 332-36.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  2. Tabet N. Acetylcholinesterase inhibitors for Alzheimer’s disease: anti-inflammatories in acetylcholine clothing! Age and Ageing 2006; 35: 336-39.CrossRefPubMedGoogle Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2006

Authors and Affiliations

  • E. van der DoesSr.
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations