Diepgaand onderzoek

  • Wim Otto
Hoofdredactioneel
  • 23 Downloads

Samenvatting

Al eerder werd er in dit tijdschrift op gewezen dat om verschillende redenen in een aantal gevallen verdieping van het verzekeringsgeneeskundig onderzoek nodig is om tot een juist oordeel te kunnen komen.

Al eerder werd er in dit tijdschrift op gewezen dat om verschillende redenen in een aantal gevallen verdieping van het verzekeringsgeneeskundig onderzoek nodig is om tot een juist oordeel te kunnen komen.

Onder andere pleitte Lemmers daarvoor in zijn artikel over enkele (grote) malingeringzaken. 1

Lemmers bespreekt in dit TBV het proefschrift van Dandachi-Fitzgerald dat, als het gaat om verdieping van medisch en psychologisch onderzoek, nog een niveau verder gaat. Want ook het grondig in kaart brengen van klachten en symptomen blijkt niet altijd genoeg om tot een juist beeld van de (gezondheids)problematiek van de patiënt of cliënt te komen. Dit proefschrift over symptoomvaliditeit bij klinische beoordelingen bevestigt dat in een substantieel deel van de gevallen sprake is van onderpresteren dan wel overrapporteren door patiënten. De klinische blik blijkt niet voldoende.

Tegen de achtergrond van deze bevindingen is het geen goede zaak dat de richtlijnen die wij hebben in het algemeen slecht worden gebruikt. Dat is in ieder geval vastgesteld voor de richtlijn Psychische problemen van de NVAB. Hoe komt dat? Brouwers et al. hebben onderzocht wat de barrières zijn bij het gebruik van deze richtlijn.

Uit dit onderzoek komen een paar belangrijke knelpunten naar voren zoals die door bedrijfsartsen zélf worden ervaren. Hoewel de onderzoekers enkele beperkingen van hun onderzoek noemen, komen zij tot de conclusie dat voor verhoging van het richtlijngebruik grote aanpassingen in de werkwijze van bedrijfsartsen nodig zijn – met repercussies voor arbodiensten en werkgevers.

Weel heeft zo zijn eigen kijk op richtlijnontwikkeling en (het gebrek aan) de implementatie ervan. Het is niet de eerste keer dat hij bepleit om de inspanningen niet zozeer te richten op het doorgaan met richtlijnontwikkeling, maar op zodanige verbetering van bestaande richtlijnen dat ze ook daadwerkelijk gebruikt gaan worden – en wat hem betreft: kúnnen worden. Wat daarvoor nodig is kunt u lezen in de zeepkist die hij schreef, mede naar aanleiding van de ontwikkeling van de richtlijn Niet-aangeboren hersenletsel en arbeidsparticipatie. In ieder geval zouden in zijn visie de beroepsgroepen het heft weer veel meer in eigen handen moeten nemen en systematisch allerlei praktijkervaringen in hun richtlijnen moeten verwerken.

Een tweede onderzoeksartikel gaat over voorspellers van verzuimduur bij licht hersenletsel binnen de vangnetpopulatie. Middelbos vond dat een opgestarte letselschadeprocedure, interne/neurologische comorbiditeit en afwijkingen bij neuropsychologisch onderzoek aanleiding waren tot een langere verzuimduur. Vooral de afwijkingen bij neuropsychologisch onderzoek zijn interessant in de context van verdieping van het verzekeringsgeneeskundig onderzoek, omdat er blijkbaar een relatie is tussen (de ernst van) beperkingen voor het functioneren in werk en objectief vastgestelde (cognitieve) stoornissen.

Diepgaand onderzoek van een geheel andere orde is het bedrijfsbezoek. Van Gelderen ziet dit als een belangrijk preventief instrument voor de bedrijfsarts en schetst in haar Good Practice hoe je dat kunt regelen. De kennis die je daarbij opdoet heb je nodig in de spreekkamer en bovendien maakt het het contact met de bedrijfsarts makkelijker als je je neus een keer in het bedrijf laat zien.

Hebben we wel tijd voor diepgaand onderzoek? Zeker nu de tekorten onder zowel bedrijfs- als verzekeringsartsen verder dreigen op te lopen. Ik verwijs terug naar mijn vorige hoofdredactioneel. We moeten ons zo min mogelijk bezig houden met zaken die niet nodig zijn of door anderen kunnen worden gedaan. Dan kunnen we ook tijd maken voor diepgaand onderzoek waar dat écht noodzakelijk is.

Literatuur

  1. 1.
    Lemmers C. Malingering vereist verdieping onderzoek en opleiding. Tijdschr Bedrijfs Verzekeringsgeneeskd 2017;3:122-125.Google Scholar

Copyright information

© Stichting tot Bevordering der Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 2018

Authors and Affiliations

  • Wim Otto
    • 1
  1. 1.

Personalised recommendations