Advertisement

Stimulus

, Volume 23, Issue 2, pp 50–55 | Cite as

Bewegingsstimulering bij werknemers: luxe of noodzaak?

  • V. H. Hildebrandt
  • K. I. Proper
Capita selecta

Samenvatting

Bewegen is goed voor de gezondheid en de levensverwachting neemt hierdoor toe (U.S. Department of Health and Human Services, 1996). Dat dit onderwerp vanuit het oogpunt van volksgezondheid steeds meer aandacht krijgt, is dan ook niet verwonderlijk (VWS, 2001). In het bedrijfsleven krijgt bewegingsstimulering tot nu toe nog relatief weinig aandacht. Vooral grotere bedrijven hebben soms fitnessprogramma’s. Het motief hiervoor ligt echter meer in de sfeer van goede secundaire arbeidsvoorwaarden dan in de overtuiging dat bewegingsstimulering een goedkoop middel kan zijn om de inzetbaarheid van werknemers te vergroten. In de literatuur worden vele redenen aangevoerd waarom een actief ‘beweegbeleid’ binnen een organisatie lucratief kan zijn: daling ziekteverzuim, minder (uitval door) rugklachten en RSI, meer ontspannen en minder gestresst personeel, gezonder, fitter en productiever personeel, minder verloop, grotere binding en grotere aantrekkingskracht op de arbeidsmarkt, een positief imago van het bedrijf en bevordering van de communicatie tussen medewerkers van de eigen en andere afdelingen.

Literatuur

  1. Dawson MM, Bongers PM, Hildebrandt VH. Sportparticipatie in de vrije tijd en welbevinden, ziekteverzuim en medische consumptie van werknemers. Tijdschrift voor gezondheidswetenschappen 1998;76(3):130-6.Google Scholar
  2. Heinrich J, Jans MP, Hildebrandt VH. Is het stimuleren van lichamelijke activiteit effectief in de bestrijding van de belangrijkste arbeidsrelevante aandoeningen? Hoofddorp: TNO Arbeid, 2004 (in voorbereiding).Google Scholar
  3. Heuvel SG van den, Boshuizen HC, Hildebrandt VH, Blatter BM, Ariëns GAM, Bongers PM. Sporten, type werk, arbeidsverzuim en welbevinden: resultaten van een 3-jarige follow-up studie Tijdschrift voor Gezondheidswetenschappen 2003;81(5):256-64.Google Scholar
  4. Hildebrandt VH, Urlings IJM, Proper KI, Ooijendijk WTM, Stiggelbout M. Bewegen Nederlanders nog wel (genoeg)? In Hildebrandt VH, Ooijendijk WTM, Stiggelbout M (red). Trendrapport bewegen en gezondheid. Lelystad: Koninklijke Vermande, 1999:23-30.Google Scholar
  5. Hildebrandt VH, Bongers PM, Dul J. The relationship between leisure time, physical activities and musculoskeletal symptoms and disability in worker populations. International archives of occupational and environmental health 2000;73(8),507-18.CrossRefGoogle Scholar
  6. Hildebrandt V, Proper K, Urlings I. Lichamelijke activiteit, fitheid en gezondheid van werkenden. Resultaten van de Nationale Gezondheidstest 1999-2000. In: Ooijendijk WTM, Hildebrandt VH, Stiggelbout M (eds). Trendrapport Bewegen en Gezondheid 2000/2001. Hoofddorp: TNO Arbeid, 2002:25-38.Google Scholar
  7. Jans MP, Hildebrandt VH, Hendriksen IJM, Wortelboer S. Gering bewustzijn van overgewicht en ongezonde leefstijl. Resultaten Nationale Gezondheidstest 2002. Hoofddorp: TNO Arbeid. Publ nr 01844253/r0313504.Google Scholar
  8. Kemper HGC, Ooijendijk WTM, Stiggelbout M. Consensus over de Nederlandse Norm voor Gezond Bewegen. Tijdschrift Sociale Gezondheidszorg 2000;78:180-183.Google Scholar
  9. Ooijendijk WTM, Hildebrandt VH, Stiggelbout M. Bewegen in Nederland 2000: Eerste resultaten van de monitorstudie Bewegen en Gezondheid In: Ooijendijk WTM, Hildebrandt VH, Stiggelbout M (eds). Trendrapport Bewegen en Gezondheid 2000/2001. Hoofddorp: TNO Arbeid, 2002:7-24.Google Scholar
  10. Proper K, Hildebrandt VH, Urlings IJM. Sport maken van werk: Nederlandse beroepsbevolking mag meer bewegen. Arbeidsomstandigheden 1999;11:38-45.Google Scholar
  11. Proper KI, Hildebrandt VH, Urlings IJM. Bedrijfsfitness bereikt ook minder actieve werknemer. Arbeidsomstandigheden 2000;76(7/8):50-52.Google Scholar
  12. Proper KI, Staal BJ, Hildebrandt VH. Effectiveness of worksite physical activity programs with respect to work-related outcomes. Scandinavian journal of work, environment and health 2002;28(2):75-84.CrossRefGoogle Scholar
  13. Proper KI, Hildebrandt VH, Beek AJ van der, Twisk JWR, Mechelen W van. Individual counseling and active lifestyle: a randomized controlled trial in a worksite setting. Am J Prev Med 2003a;24(3):218-26.Google Scholar
  14. Proper KI, Koning M, Beek AJ van der, Hildebrandt VH, Bosscher R, Mechelen W van. The effectiveness of worksite physical activity programs on physical activity, physical fitness and health. Clin J Sport Med 2003b;13(2):106-17.CrossRefGoogle Scholar
  15. Proper KI, Bruyne MC de, Hildebrandt VH, Beek AJ van der, Meerding WJ, Mechelen W van. Cost-benefit and cost-effectiveness analysis of a worksite physical activity counseling program. Scand J Work Environ Health 2004;30(1):36-46.CrossRefGoogle Scholar
  16. Stam PJA, Hildebrandt VH, Backx FJG. Sportief bewegen en gezondheidsaspecten: een verkennende studie naar kosten en baten Amsterdam. Universiteit van Amsterdam (UvA), Stichting voor Economisch Onderzoek (SEO), 1996, SEO-rapport 372.Google Scholar
  17. Urlings IJM, Hildebrandt VH, Vroome E de, Rooy, K van. Bedrijfsfitness een blijvertje? Arbeidsomstandigheden 2002;78(09-02):36-9.Google Scholar
  18. Urlings IJM, Proper KI, Hildebrandt VH. Sport in beeld van het MKB. Tijdschrift voor bedrijfs- en verzekeringsgeneeskunde 1999;7(4):111-5.Google Scholar
  19. Urlings I, Proper K, Hildebrandt V. Werk(druk) stimuleert én belemmert Nederlander in beweging. Arbeidsomstandigheden 2000;76:39-43.Google Scholar
  20. U.S. Department of Health and Human Services. Physical activity and Health: A report of the Surgeon General. Atlanta. GA. U.S. Department of Health and Human Services, Centers for Disease Control and Prevention, National Center for Chronic Disease Prevention and Health Promotion, 1996.Google Scholar
  21. VWS, Directie Sport Sport, bewegen en Gezondheid. Naar een actief kabinetsbeleid ter vergroting van de gezondheid door en bij sport en beweging. Den Haag: ministerie van VWS, directie Sport, 2001.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2004

Authors and Affiliations

  • V. H. Hildebrandt
    • 1
  • K. I. Proper
  1. 1.

Personalised recommendations