Advertisement

Neuropraxis

, Volume 5, Issue 6, pp 107–109 | Cite as

ADHD: een taai ongerief

  • A. Kalverboer
  • J. van der Meere
Artikelen
  • 255 Downloads

Abstract

‘Although they do not exist, they require our most careful attention’. Zo karakteriseerde Dinnage (1970) in de zeventiger jaren de situatie ten aanzien van kinderen met mbd (Minimal Brain Dysfunction). Het vroegere begrip mbd kan worden beschouwd als de voorloper van het huidige concept adhd (Attention Deficit Hyperactivity Disorder). Met dien verstande dat de categorie adhd inmiddels aanmerkelijk minder omstreden is dan destijds het begrip mbd. Daarvoor gold dat de neuroloog doorgaans geen harde tekenen van een hersenstoornis aantrof, de gedragskenmerken weinig scherp waren omschreven, en het ontbrak aan inzicht in de etiologie van de aandoening.

Literatuur

  1. The Americal Psychiatric Association. Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders, dsm-IV, (fourth edition) (1994). Washington DC, USA.Google Scholar
  2. Dinnage, R. (1970) The handicapped child, vol.1. London, Longman.Google Scholar
  3. Lahey, B.B., & Loeber, R. (1994) Framework for a developmental model of oppositional defiant disorder and conduct disorder. In: Disruptive behavior disorders in childhood. D.K.Routh (ed),pp 139–180. New York: Plenum Press.Google Scholar
  4. Leung, P.W.L., Luk, S.L., Ho, T.P., Taylor, E., Mak, F.L. & Bacon-Shone, J. (1996) The diagnosis and prevalence of hyperactivity in Chinese schoolboys. British Journal of Psychiatry, 168, pp. 489–496.CrossRefGoogle Scholar
  5. Schrag, P. & Divoky, D. (1975) The myth of the hyperactive child, Pantheon Books, New York.Google Scholar

Copyright information

© Bohn Stafleu van Loghum 2001

Authors and Affiliations

  • A. Kalverboer
    • 1
  • J. van der Meere
  1. 1.

Personalised recommendations