Advertisement

Pharmaceutisch weekblad

, Volume 3, Issue 1, pp 889–894 | Cite as

Toepassingsmogelijkheden voor remmers en antagonisten van het renine-angiotensinesysteem bij de behandeling van hypertensie

  • C. Korstanje
Wetenschappelijke Mededelingen
  • 13 Downloads

Hypertensive treatment with inhibitors and antagonists of the renin-angiotensin system

Abstract

Recently, hypotensive agents have been developed which act through suppression of the renin-angiotensin system. These drugs are able to interfere with the formation of angiotensin II at different levels. From a pharmacotherapeutical point of view, the most interesting categories are the renim inhibitors and the converting enzyme inhibitors.

Captopril, a drug of the latter category, has proved to be an efficient and potentially useful antihypertensive agent in man. However, these drugs can only be of real importance if their adverse reactions can be diminished.

Samenvatting

De laatste jaren zijn farmaca ontwikkeld die in Staat zijn via beïnvloeding van het renine-angiotensinesysteem bloeddrukverlaging teweeg te brengen. Deze Stoffen blijken toepasbaar te zijn als hypotensivum. Het gaat hier om Stoffen die met de angiotensine II-vorming interfereren. De farmacotherapeutisch meest interessante groepen zijn hier de ‘converting enzyme’ blokkeerders en de renineinhibitoren.

Met de eerste groep is al voldoende ervaring opgedaan. De verwachting is, dat deze Stoffen pas echt belangrijk zullen gaan worden indien Varianten met geringere bijwerkingen op de markt zullen komen.

Preview

Unable to display preview. Download preview PDF.

Unable to display preview. Download preview PDF.

Literatuur

  1. Atkinson, A.B., D.L. Davies, B. Leckie, J.J. Morton, J.J. Brown, R. Fraser, A.F. Lever enJ.I.S. Robertson (1979a)Clin. Sci. 57, 139s-143s.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  2. Atkinson, A.B., J.J. Brown, R. Fraser, B. Leckie, A.F. Lever, J.J. Morton enJ.I.S. Robertson (1979b)Lancet II, 606–608.CrossRefGoogle Scholar
  3. British Medical Journal (1980)281, 630–631.Google Scholar
  4. Derkx, F.H.M., B.N. Bouma, H.L. Tan-Tjiong enM.A.D.H. Schalekamp (1979)Clin. Sci. 57, 89S-92S.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  5. Fagard, R., A. Amery, P. Lijnen enT. Reybrouck (1979)Clin. Sci. 57, 131S-134S.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  6. Ganong, W.F. (1975)Review of Medical Pharmacology, 7th ed. Lange, Canada, 342–344.Google Scholar
  7. Hoorntje, S.J., A.J.M. Donker, E.J.L. Prins enJ.J. Weening (1980)Acta Med. Scand. 208, 325–329.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  8. Ibsen, H., A. Leth, A. McNair enJ. Giese (1979)Clin. Sci. 57, 123S-125S.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  9. Leeuw, P.W. De, enW.H. Birkenhäger (1978)Ned. Tijdschr. Geneesk. 122, 583–596.Google Scholar
  10. Levinsky, N.G. (1979)Circ. Res. 44, 441–451.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  11. MaCgregor, G.A., N.D. Markandu enJ.E. Roulston (1979)Clin. Sci. 57, 145s-148s.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  12. Matthews, P.G., B.P. McGrath enG.I. Johnston (1979)Clin. Sci. 57, 135s-138s.CrossRefPubMedGoogle Scholar
  13. Meulenhoff, J.S. (1980)Pharm. Weekblad 115, 665–667.CrossRefGoogle Scholar
  14. Riegger, A.J., J.A. Millar, B. Slack, A.F. Lever enJ.J. Morton (1977)Lancet II, 1317–1319.CrossRefGoogle Scholar
  15. Robertson, J.I.S. (1980) In:Voordrachten gehouden in het kader van de 9e Groninger Internistencursus (Hoorntje, S.J., enP.E. De Jong, Eds.). Meducation Service Hoechst, Amsterdam, 119–147.Google Scholar
  16. Unger, TH., R.W. Rockhold, K. Schaz, P. Vescei, G. Bönner, W. Rascher enD. Ganten (1979)Clin. Sci. 57, 157s-160s.CrossRefPubMedGoogle Scholar

Copyright information

© Bohn, Scheltema & Holkema 1981

Authors and Affiliations

  • C. Korstanje

There are no affiliations available

Personalised recommendations